fbpx

5 Misverstanden over opvoeden

Opvoeden zoals de meeste mensen dat doen noem ik de ‘standaardmanier’. Dat wat je om je heen ziet en hoe je zelf bent opgevoed. Naar mijn idee zitten daar een aantal foute veronderstellingen in, een aantal misverstanden. En die maken dat je juist bij een pittig kind snel in de problemen kan komen. Ik zet ze hier voor je op een rijtje.

1. OPVOEDEN IS HET CORRIGEREN VAN GEDRAG

Veruit de meeste mensen zien dit nog zo. Dat is waar opvoeders zich mee bezig houden, het corrigeren van gedrag. En dat doen we dan door te proberen het gedrag rechtstreeks te sturen. Door sommige dingen te verbieden en andere juist te vragen (eisen). Daarbij horen de woorden ‘jij moet, jij mag of je mag niet, of ik wil dat’. Zo nodig maken we daarbij gebruik van negeren (werkt meestal niet) straffen of belonen (bij voorkeur).

Dit is zo algemeen, dat het ons bijna in de genen zit, zeg maar. Zo zijn we zelf opgevoed en zo zien we het om ons heen.

Maar zoals ik al vaker heb geschreven, (lees bijvoorbeeld dit blog) is dit een misverstand. Kinderen leren vooral van wat je voorleeft. En daarnaast helpt corrigeren niet als je niet weet wat er aan het gedrag ten grondslag ligt. Een kind dat het wel goed wíl doen, maar het niet voor elkaar krijgt, help je niet met straffen of belonen. Sterker nog, dan geef je het kind nog een extra laagje negativiteit erbij.

2. JE MOET ALTIJD CONSEQUENT ZIJN

Dit is een hele hardnekkige. Niet consequent zijn is, naast het verwennen van je kind, één van de ergste fouten die je kunt maken. Niet dus. Het maakt alleen maar dat je strijd hebt met je kind. Dat je altijd bezig bent om ‘te winnen’. Maar je kind wil niet verliezen. Dus. Dan heb je strijd.

Maar een kind heeft toch duidelijkheid nodig? Ja, dat klopt. En daarom is het wel belangrijk om duidelijke afspraken te maken en vaste routines te hebben. Maar dat jij gisteren geen zin had in rommel maken en vandaag wel, dat kan toch? En als je kind een goed argument heeft, waar jij nog niet aan gedacht hebt, dan er toch niks mis mee om je te laten overtuigen? (Lees hier meer over de mythe van het consequent zijn)

3. ALS OUDERS MOET JE ALTIJD ÉÉN LIJN TREKKEN

Nee dat moet je niet.  Je bent twee verschillende mensen, met verschillende opvattingen, voorkeuren en behoeftes. Wat de één een rommel vindt, kan de ander best wel opgeruimd vinden. Zorg daarom dat je over terugkerende zaken duidelijke afspraken hebt.

Maar dwing je partner niet om het met je eens te zijn, als dat niet zo is. Bespreek gewoon het probleem en zoek een oplossing die voor iedereen oké is.

4. ALS JE JE KIND ZIJN ZIN GEEFT, GAAT HIJ STEEDS VAKER ZEUREN

Je weet wel, ‘als je ze een vinger geeft …’ Maar ook deze klopt niet. Gek genoeg werkt het precies andersom 😊. Een kind dat ervaart dat ie serieus genomen wordt, dat haar behoefte ook meetelt, dat er veel ruimte is om zijn eigen zin te mogen doen, zal juist minder moeilijk doen als dat af en toe gewoon niet kan. Juist een kind dat minder ruimte krijgt voor autonomie zal steeds vaker dwars liggen en de strijd aangaan.

5. JIJ WEET HOE HET MOET

Soms wel ja, maar vaak ook niet. Je bent als ouder vaak geneigd om te denken dat jij de oplossing moet hebben. Dat jij moet zorgen dat je kind het fijn heeft. Dat jij moet bepalen wat wel of niet moet gebeuren. Maar dat is helemaal niet waar. Je kunt vaak helemaal niet weten wat goed is of niet.

Dat betekent dat je niet zo vaak hoeft in te grijpen als je misschien denkt. Laat je kind zijn eigen ervaringen opdoen. En het betekent ook dat jij het niet altijd hoeft te weten. En dat is best een opluchting, toch? Je weet niet wat later zal blijken ‘goed of fout’ geweest te zijn. Dus laat los. Laat het leven zijn gang gaan. Geef je kind ruimte voor zijn of haar eigen leerproces.

Is dit herkenbaar voor je? Verhelderend?  Ik lees graag je reactie. En als je het wilt delen op de social media, graag, bedankt alvast.

Karla Mooy

Heb jij een pittig kind? Ik weet hoe dat is én ik kan je helpen om het opvoeden van jouw kind makkelijker te maken. Neem contact met me op als je wel wat hulp kunt gebruiken.

  • patricia schreef:

    Ik heb een heel pittige 4jarig zoontje die graag zijn willetje doordrijft. Kweet soms niet wat doen zeker niet nu kleine broer ee bij is

    • Karla Mooy schreef:

      Een klein broertje erbij is vaak best moeilijk voor een pittig kind. Omdat alles verandert, hun wereld even minder voorspelbaar wordt. Daar zijn ze erg gevoelig voor. Probeer je oudste ook voldoende aandacht te blijven geven, maar biedt daarbij ook duidelijkheid. Dus wanneer je even niet beschikbaar bent, wat je dan gaat doen en dat je er daarna weer voor hem bent.
      Hoe duidelijker, hoe beter. Blijf rustig, ook als hij het moeilijk vindt en vervelend gaat doen. Rustig, maar duidelijk. Ferm, noem ik dat.
      Als je meer informatie wil over het opvoeden van pittige kinderen dan raad ik je aan een webinar van mij te volgen voor meer tips.
      Succes, Patricia.

  • Monique_ schreef:

    Hoe zie je dit wanneer het gaat om kinderen met hechtingsproblematiek die aantrekken en afstoten. Bij ons in de klas op speciaal onderwijs veel kinderen met dit probleem
    die gedragsmatig heel ver gaan en bij elkaar in een groep worden gezet. Schoppen spugen negeren wat de leerkracht zegt. Vaak in gezinshuizen wonen.

    • Karla Mooy schreef:

      Ik snap je vraag, Monique. Ik weet ook dat mijn artikel misschien de indruk kan wekken dat je niet meer ingrijpt, maar dat is niet zo. Bij hechtingsproblemetiek is duidelijkheid superbelangrijk. Dus jullie zullen ook veel duidelijke afspraken en gewoontes hebben, als het goed is. En je kunt straffen inzetten als een kind een regel overtreedt. Zou kunnen, net als dat er in de maatschappij boetes bestaan.
      Maar juist kinderen met een hechtingsstoornis hebben veel behoefte aan onvoorwaardelijke liefde. Dat ze er mogen zijn, no matter what. Ik denk dat verbinding in een groep heel belangrijk is, het allerbelangrijkste. Dat leerkrachten daar ook tijd en aandacht aan mogen besteden. ‘We zijn een groep en we gaan liefdevol met elkaar om. Of, we zorgen dat iedereen het naar zijn zin heeft. Of, we doen elkaar geen pijn’. Gebeurt dat wel, dan grijp je in, het liefst zo snel mogelijk. Als het lukt, qua bezetting van personeel, is het het mooist als de leerkracht met wie een kind de beste band heeft, bij het kind blijft tot de emotie gezakt is. En dat altijd volstrekt duidelijk is, dat het niet acceptabel is, maar dat je wel accepteert dat het gebeurd is. Dus geen boosheid naar het kind toe, maar wel de verantwoordelijheid bij het kind leggen. Wat ga je doen om te zorgen dat het een volgende keer anders gaat? Hoe kunnen we jou daarbij helpen? En hoe kan het kind de ‘schade herstellen’?
      Daarnaast is het altijd zaak om achteraf te kijken wat de trigger was. Wat kun je doen om een kind te helpen het niet meer te doen? Soms hebben kinderen een stille plek nodig waar ze heen kunnen gaan, bijv. een stiltehuis (kijk maar eens op internet).
      Er valt veel meer over te zeggen dan ik hier kan doen. In andere blogs kun je lezen over hoe je een kind kunt leren om met emoties om te gaan. Interessante blogs zijn ook te vinden op de website van Inge van de Weege (even googlen 🙂 )

  • >

    Door de site te te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Privacyverklaring

    De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

    Sluiten