All Posts by Karla Mooy

Wel of niet negeren, hoe zit dat precies?

In opvoedland is negeren vrij gebruikelijk. Gewenst gedrag mag je belonen door een complimentje te geven. Negatief gedrag kun je het beste negeren, is het advies. Helaas merken nogal wat ouders, zeker van pittige kinderen, dat het helemaal niet werkt. Toch kan het soms wel handig zijn.

In principe vind ik negeren een slecht advies. ‘Het kind wil alleen maar aandacht’, wordt er dan gezegd. Ja, en? Kennelijk is er dan iets aan de hand. Er zit je kind iets dwars en kennelijk heeft je kind geen andere manier voorhanden dan het huidige, ongewenste gedag.

Negeren zoals het meestal bedoeld is, betekent ook het negeren van je kind. En dat is, zeker bij pittige kinderen, olie op het vuur. ‘Jij wilt me niet horen? Nou, dan gooi ik er nog een schepje bovenop’. Logisch eigenlijk, want kinderen willen, net als volwassenen, gehoord en gezien worden.

Ik denk dat het beter is om te kijken wat er aan de hand is. Je kind te helpen met de situatie. Dat kun je bijvoorbeeld doen door te benoemen wat je ziet of wat je denkt dat er aan de hand is. ‘Kennelijk zit je iets dwars, je ziet er boos uit (of niet blij, of teleurgesteld, of … )’

Eigenlijk negeer je dan wel het gedrag zelf, maar niet het kind. Je besteedt even geen aandacht aan de manier waarop je kind aandacht vraagt, maar maakt wel contact over wat er aan de hand is. En dat is iets wat pittige kinderen juist nodig hebben.

Want wat er vaak gebeurt, is dat alle aandacht naar het ongewenste gedrag gaat. Onbesproken blijft wat er aan ten grondslag lag. Dus het werkelijke probleem wordt niet opgelost. In feite helpt dat een kind helemaal niet. Het werkt alleen maar negatieve gedachten over zichzelf in de hand.

Ook als je kind je commandeert of taal gebruikt die je liever niet hoort, kun je ervoor kiezen om dat even te negeren. Soms is er zoveel spanning dat het je kind niet lukt om het op de juiste manier te vragen.

Eventueel kun je het even hardop ‘vertalen’. Bijvoorbeeld, als je kind in de stress om te laat te komen, zegt ‘jij moet mijn tas van boven halen’. Dan kun je antwoorden: ‘Je bedoelt, mama wil je even mijn tas van boven halen? Ja, lieverd, dat is goed’. En verder maak je er niet zoveel woorden aan vuil, want dat heeft weinig nut. Je kunt wel boos worden, maar daar is niemand mee geholpen.

Overigens is er wel een situatie waarin je je kind het beste even kunt negeren. Maar dan heb je het ook aangekondigd. Als je kind bijvoorbeeld door blijft drammen over iets wat je al besproken hebt, kun je zeggen ‘lieverd, ik heb jou gehoord en jij hebt mij gehoord. En nu zijn we uitgepraat, want het wordt niet meer anders. Dus je kunt wel blijven vragen, maar dan krijg je geen antwoord meer’.

Als je dit een fijn artikel vindt, wil je het dan voor me delen? Zodat we nog meer ouders bereiken. Dank je wel. Ook je reactie is hieronder welkom, zoals altijd.

Help je kind om te kúnnen luisteren

Kinderen die niet luisteren vormen nog steeds een grote bron van frustratie voor ouders. Mijn blogs daarover behoren ook tot de meest gelezen blogs op mijn website. Dit blog is bedoeld om te laten zien hoe je je kind kunt helpen om te luisteren, zowel letterlijk als in de zin van doen wat de bedoeling is 🙂

Waar het eigenlijk om gaat, is dat je gaat zorgen dat je kind kán luisteren. Want doorgaans is het geen onwil, maar het lukt je kind gewoon niet. Dus een beetje hulp is handig. Van jou.

Allereerst is het belangrijk dat je werkelijk contact maakt. Je kind is niet ‘bestuurbaar op afstand’, ook al denken (of hopen) veel ouders dat wel. Dus ga naar je kind toe en maak contact. Kwestie van iets meer moeite doen, maar het is de moeite zeker waard.

Daarnaast kunnen kinderen ons vaak helemaal niet horen, omdat ze een hoofd vol eigen gedachtes hebben. Of hun emotie zit hen in de weg. De oplossing daarvoor is dat je eerst naar je kind luistert, voordat je met je eigen boodschap komt.

Luisteren en vervolgens erkenning geven, creëert ruimte bij jouw kind om jouw boodschap binnen te laten. “Oh, je wilt graag een tent bouwen. Dat vind je leuk, hè? Dat is natuurlijk ook gezellig, in een tent spelen”.

Start jouw boodschap dan met ‘het punt is’. “Het punt is dat we zo de deur uit moeten, want je gaat vandaag naar het KDV, weet je nog?”. Zo ervaart je kind het meer als een situatie die nu eenmaal zo is, dan dat jij hem of haar je wil op legt. Want dat is wat je kind zo moeilijk vindt.

Zorg dat wat je wil zeggen geen oordeel of afwijzing bevat. Je kind is erg gevoelig voor kritiek, en zal al snel in de weerstand gaan. Gebruik liever een ik-boodschap. “Lieverd, ik heb last van al dat gespring van jullie, zo kan ik me niet concentreren. Kijk even of je het ergens anders kunt doen”.

Soms merk je pas tijdens het praten dat je kind niet kan luisteren. Benoem dit dan en vraag wat er aan de hand is. “Ik heb het idee, dat je alleen maar denkt, mama ben je klaar met praten? Wat is er aan de hand?”

Het heeft namelijk geen zin om iets van je kind te willen wat er niet in zit. Dus je kunt wel wíllen dat je kind naar je luistert, maar als dat niet gaat, dan gaat het niet. Je kunt het niet afdwingen. Het is dus veel handiger om te kijken wat je kind nodig heeft om wél te kunnen luisteren.

O ja, en als je iets met je kind wilt bespreken, doe dat dan niet zo maar, op het moment dat het in jou opkomt. Maar kijk of vraag of het ook voor jou kind een geschikt moment is. Op een simpele manier kun je zo al weerstand bij je kind wegnemen.

Vind je dit fijne tips? Deel ze dan met de social media knoppen, zo kunnen we meer ouders bereiken. Bedankt!

Laat me ook weten wat jouw ervaring is. Werken deze tips bij jou ook? Of heb je aanvullingen?

Help, mijn kind is een slechte eter.

Veel pittige kinderen zijn slechte eters. Je kunt er redelijk wanhopig van worden. Omdat het strijd geeft, waardoor het niet meer leuk is aan tafel. Of omdat je je zorgen maakt of je kind wel genoeg eten binnenkrijgt. Hierbij 5 tips om hiermee om te gaan.

Tip 1 is de moeilijkste, maar ook meteen de belangrijkste: maak er geen strijd van. Want die verlies je. Eten is namelijk één van de weinige dingen waarbij je je kind niet kan dwingen. Je kunt een kind wel te eten geven, maar niet voeden. Je kind bepaalt uiteindelijk zelf of het iets opeet of niet. Dus als je een kind hebt, dat tot het bittere eind gaat, dan wordt het einde ook heel bitter.

Bovendien, door er een strijd van te maken, leg je er teveel druk op. Eten wordt steeds meer een issue. Wat je aandacht geeft, groeit. Dus als je veel aandacht geeft aan het probleem van niet eten, wordt het probleem steeds groter.

Pittige kinderen hebben strijden thuis voor hun autonomie én zijn prikkelgevoelig. Als een kind juist met het eten heel erg dwars ligt, kan het zijn dat ie gewoon weinig lust. Het kan goed zijn dat je kind erg gevoelig is voor geuren of smaken. Of voor de textuur van het eten in de mond.

Maar de kans is ook groot, dat je kind in opstand komt, omdat hij te weinig autonomie in zijn leven ervaart. Juist de dingen waar hij zelf het laatste woord heeft, gebruikt hij dan om zelf de baas te zijn. Dat kan ook verklaren waarom een kind iets soms wel wil eten en soms niet.

Tip 2 is daarom: kijk eens of jij je kind meer ruimte kan geven om zelf baas te zijn. In welke situaties, bij welke beslissingen en keuzes kun je je kind meer zeggenschap geven? Het zou zo maar kunnen, dat daarmee het eten een veel kleiner probleem wordt. Vooral als je een kind hebt met een sterke eigen wil.

Tip 3: Zorg dat je kind overdag al de nodige voedingsstoffen binnenkrijgt. Zorg dat wat ze aan tussendoortjes krijgt, alleen maar gezond is. Vooral groentes en fruit zijn onmisbaar voor de nodige voedingsstoffen. Denk dus aan stukjes (rauwe groente) en fruit. Maar vergeet ook de eiwitten niet, zuivel bijv. of noten. Het avondeten kan dan ook uit een boterham of een bord pap bestaan.

Koop allerhande verschillende soorten groente en fruit. Probeer uit wat je kind lekker vindt. Wortels of komkommer, maar misschien ook wel bietjes of koolraap. Gedroogd fruit is een heel geschikt alternatief voor snoep. Lekker zoet en toch gezond. Controleer wel of er geen suiker aan toegevoegd is. Als je kind er oud genoeg voor is, zijn noten ook heel gezond, het liefst ongebrand. Ook olijven kun je eens proberen, er zijn genoeg kinderen die ze lekker vinden.

Tip 4: zoek op internet naar ideeën. Er zijn tegenwoordig veel goede blogs te vinden met ideeën voor gezonde, lekkere snacks. Verdiep je in wat goede voeding eigenlijk is, wat je kind nodig heeft. Google eens op “lekker en gezond eten voor kinderen”, dan vind je een hele lijst aan sites met interessante tips.

Tip 5: betrek je kind bij het voorbereiden van het eten. Overleg wat hij lekker vindt, kijk waar hij kan helpen met klaarmaken (kun je ondertussen vast iets proeven). Laat haar de tafel dekken en het gezellig maken, bijvoorbeeld kaarsjes aan. Zorg dat de maaltijd een prettig moment blijft. Een gezellig samenzijn, waarbij ondertussen gegeten kan worden.

Tenslotte: een kind hongert zichzelf doorgaans echt niet uit. Als jij maar zorgt dat wát er binnenkomt veel voedingsstoffen bevat, hoef je je geen zorgen te maken. Maak je je wel ongerust of is je kind moe en lusteloos, overleg dan met de huisarts of op het consultatiebureau of je kind risico loopt op ondervoeding.

Is jouw kind een moeilijke eter? Hoe ga jij daar mee om? Laat het hieronder weten, ik hoor graag van je. Delen is ook fijn, dank je wel!

Hoe je de avondspits weer gezellig maakt

Vaak hoor ik, dat gedrag waar ouders niet blij van worden, zoals zeuren, boos zijn, niets willen, ruzie maken, het ergste lijkt te zijn aan het eind van de dag. Zeg maar, de avondspits. Net thuis van je werk en het is totaal niet gezellig. Je verlangt alleen nog maar naar het moment dat ze in bed liggen.

Herken je dat? Betrap jij jezelf er ook weleens op dat je denkt ‘ik zal blij zij als ze er in liggen?’ Hoe begrijpelijk ook, leuk is het niet natuurlijk. Hoe zorg je er nu voor dat je ook op die momenten van je kind(eren) kunt genieten?

Laat ik beginnen met te zeggen dat je heus niet altijd van je kind kunt of zou moeten genieten. Natuurlijk zijn er ook momenten dat het even niet zo leuk is. Dat geeft ook niet, dat hoort nu eenmaal bij het leven.

Maar dat structurele ongezellige, dat geruzie eind van de dag, dat hoeft er niet bij te horen. Dat kan echt anders. Door een paar dingen net iets anders te doen en vooral door je bewust te worden van je eigen aanwezigheid.

Om te beginnen: één van de belangrijkste oorzaken is een kind dat geen verbinding  voelt. In deze wereld wordt veel van ouders gevraagd. Of in elk geval, lijkt dat zo te zijn. Zeer regelmatig lijkt het leven een afvinklijstje van to-do’s. En voor je het weet wordt de zorg voor je kind ook een to-do. Jammer, toch?

Dus gaat het vaak zo: Ouder komt van zijn of haar werk, nog volop ‘in het hoofd’, want dat is toch voor de meesten van ons de plek waar we rondhangen tijdens ons werk, hoe leuk je werk ook is. En als je dan vergeet om ‘daar uit te komen’ (dat kan natuurlijk niet, maar je snapt vast wat ik bedoel), dan zit je daar nog steeds als je thuiskomt.

Met andere woorden, je bent niet echt aanwezig. En je kind voelt dat. Zeker een gevoelig kind als pittige kinderen zijn. Ook al kunnen ze het niet zo benoemen. Ze missen de verbinding en worden ‘vervelend’. En als je niet oplet, denk je dat het aan je kind ligt.

Maar hoe zou het zijn als je op weg naar huis, op weg naar je kind, weer even met je aandacht in het hier en nu komt? (De enige plek overigens waar je ooit bent geweest en waar je ooit zult zijn). Als je even je zintuigen gebruikt om ‘uit je hoofd te komen’?

Zou je dan niet meer aanwezig zijn? Je kind werkelijk opmerken? Ik denk van wel. Als je weer bewust aanwezig bent, dan kun je er zijn voor je kind. Dan maak je echt contact. Dan is er tijd voor een echte knuffel, echt luisteren of even samen lachen of wat ook maar. Dan voelt je kind dat je er bent.

En dat maakt zoveel uit. Dan ben je ook veel beter in staat om te zien wat je kind nodig heeft. Of er onrust uit moet, of er hoognodig iets van eten of drinken in moet. In plaats van dat je je kind als ‘vervelend’ ervaart. ‘Het kind vraagt’ alleen maar’ aandacht’, wordt er dan gezegd. Ja, dat klopt, en die aandacht heeft het kind dan ook echt nodig.

Ook een praktische tip: praat niet over je werk (of iets anders) met je partner, totdat je kind/je kinderen  op bed liggen. Kinderen voelen zich dan al snel buitengesloten en dat is niet het goede moment daarvoor. Je kind heeft jou immers ook de hele dag moeten missen.

Leg telefoons buiten bereik en geef aandacht voor elkaar een vaste plek in de structuur van de avondmaaltijd (zie bijvoorbeeld dit blog). En maak van het eten geen strijd, maar een moment van saamhorigheid. Doe wat je kind helpt, misschien wil het op schoot bij jou, of gevoerd worden. Je kind is moe van alle indrukken, help het te ontspannen. En vergeet alle ideeën over wat je kind op dat moment zelfstandig zou moeten kunnen.

Verbinding is en blijft de basis. Ik hoop dat dit blog je helpt om jezelf daaraan te herinneren. En dat het je inspireert om van het eind van de dag een fijn moment te maken, met echte aandacht voor elkaar. Want daar was het om begonnen toch, toen je aan kinderen begon?

Waarom ‘lukken’ zo’n mooi woord is in het opvoeden

In de opvoeding, zeker van pittige kinderen, kan het veel verschil maken hoe je de dingen zegt. In dit blog leg ik je uit waarom ‘lukken’ zo’n handig woord is om te gebruiken.

Pittige kinderen zijn gevoelig voor hoe je de dingen zegt. Sowieso houden ze natuurlijk niet van moeten en van het woordje ‘nee’. Maar ook zijn ze extra gevoelig voor afwijzing en bang om dingen verkeerd te doen.

Daarom is mijn advies: maak gebruik van het woord ‘lukken‘. Het voordeel van ‘lukken’ is dat het minder persoonlijk is. Meer iets dat gebeurt. Iets lukt of het lukt niet. Gewoon een feitelijke constatering.

Het biedt daarnaast ook perspectief. Iets wat nu niet is gelukt is, kan een volgende keer wel lukken. Heel anders dan wanneer je zegt ‘je kunt het niet’. Dat klinkt meer alsof je het nooit zal kunnen, alsof het een eigenschap van je is om iets wel of niet te kunnen.

Daarmee benadruk je dus meer het leerproces. En dat is precies zoals ik de dingen graag zie. Alles is een leerproces. Oefenen. En dan lukt het of het lukt niet. Het haalt het oordeel eraf en biedt perspectief. En dat geeft ruimte.

De start is van dit leerproces is steeds dat je duidelijkheid biedt. Door een duidelijke afspraak of door aan te geven wat de bedoeling is. Zodat je kind weet wat er van hem of haar verwacht wordt. En vervolgens gaan we dan zien hoe het gaat. En ga er maar vanuit, dat je kind doorgaans ook het goede wil doen.

Je kunt het ook gebruiken om je kind daartoe uit te nodigen. Om wat voorbeelden te geven ‘denk je dat het gaat lukken om op de stoep te blijven?’ of ‘denk je dat het gaat lukken om zelf te spelen en je broertje met rust te laten? ’of ‘denk je dat het gaat lukken om vanmiddag je huiswerk te maken, zodat we vanavond tijd hebben voor een spelletje?’

En als het dan een keertje ‘fout’ gaat, kun je zeggen ‘wat jammer, het is niet gelukt, volgende keer beter’. Je kunt het ook nabespreken, op een rustig moment. ‘We hadden afgesproken dat je vanmiddag je huiswerk af zou maken, maar dat is niet gelukt, he. Weet je ook hoe dat komt? Wat gebeurt er dan denk je, waardoor het niet lukt?’

Dus ik zou zeggen, maak er maar (wat meer) gebruik van. Ik denk dat je kind het prettig zal vinden. Succes!

Als je dit een zinvolle tip vind, deel hem dan zodat andere ouders er ook hun voordeel mee kunnen doen. Dank je wel daarvoor. En ik lees zoals altijd graag je reactie, dat kan hieronder.

Als je kind moeite heeft met naar school gaan

Ik krijg regelmatig vragen van ouders over de situatie dat het kind niet naar school wil. Soms begint het al bij het opstaan, soms lijkt het kind opeens te blokkeren als het zover is dat je afscheid neemt op school of opvang. Wat kun je nu het beste doen?

Het kan je als ouder best onzeker maken als je kind in de weerstand gaat. Zeker als je kind letterlijk losgeplukt moet worden van jou. Want je wilt graag dat je kind zich oké voelt en veilig en op haar gemak. Logisch. Toch hoef je je er in de meeste gevallen niet druk over te maken.

Om te beginnen is het altijd goed om te checken of er niet echt iets aan de hand is. Voelt je kind zich echt onveilig, dan moet daar iets aan gebeuren natuurlijk. Maar meestal blijkt dat je kind zich na het afscheid gewoon aan de situatie overgeeft, en verder een prima dag heeft. Maar altijd goed om even te checken natuurlijk.

Je kunt je kind heel goed uitleggen dat dit erbij hoort. Veel mensen hebben dat, ook volwassenen. Even zo’n gevoel van ‘ik wil niet of ‘ik vind het spannend’. Dat is niet erg. Het is niet erg om je even niet zo fijn te voelen, dat gaat vanzelf weer over.

Erkennen heeft zin. ‘Je wilt liever thuisblijven, dat is niet erg. Het is gewoon even spannend, he. Dan krijg je kriebels in je buik’. Erkennen maakt dat je kind zich begrepen voelt. Én het geeft woorden aan wat je kind voelt.

Vervolgens kun je uitleggen, dat het overgaat. ‘Je moet gewoon heel eventjes wennen, dat is niet erg. En als je gewend bent, dan wordt het vanzelf weer gewoon en gaan de kriebels weg. Gaat helemaal vanzelf’.

Dus wat je doet, is dat je het niet wegpoetst, je erkent het. Het is er, en dat is niet erg. Én: je biedt perspectief. Nu voel je je eventjes zo, maar straks gaat het vanzelf over.

Wat ook helpt om je kind de drempel over te helpen, is een vast ritueel. Twee kusjes, heel hard zwaaien, bijv. Of kijken wie het hardst kan zwaaien, hoorde ik laatst 😊 Wat ook goed kan werken, is je kind letterlijk overdragen aan de juf of leidster. Zodat je kind ervaart dat de veiligheid van de ouder overgaat in de handen van de juf.

Het belangrijkste is eigenlijk dat jij beseft dat het niet erg is en dat het overgaat. Dat het niet weghoeft. Dat je gewoon kunt zijn met wat is. Het is namelijk niet erg. Vanuit die houding bied je veiligheid en door een duidelijk ritueel bied je houvast.

Blijf dit regelmatig herhalen. Desnoods elke ochtend weer even vertellen hoe het zal gaan. Ook al denk je dat je kind het allang weet, toch heeft ze er baat bij. Laatst hoorde ik van een moeder, dat ze het ’s ochtends een paar keer herhaalt, bij het ontbijt, bij het vertrekken thuis, onderweg en als ze er bijna zijn. Het werkte wonderbaarlijk goed, het drama rond het afscheid nemen verdween.

Waarom is dingen nabespreken met je kind toch zo lastig?

Je hebt het vast weleens bij mij gelezen, het advies om in gesprek te gaan met je kind. Want het is immers de bedoeling dat jij je kind gaat helpen in plaats van te corrigeren. Daarvoor moet je weten wat er precies gebeurde. Maar dat in gesprek gaan is best lastig, zo blijkt.

Wat er zo maar kan gebeuren, is dat je kind opnieuw boos wordt, zodra je het onderwerp aanroert. En misschien is dat wel niet zo gek. Niemand wil graag terugkijken op iets wat niet leuk was. Liever vergeet je wat er gebeurd is, toch?

Het kan ook zijn dat je kind er niet graag aan terugdenkt, omdat hij ook wel weet dat hij te ver is gegaan. Misschien schaamt hij of zij zich wel. Pittige kinderen leggen de lat voor zichzelf vaak hoog. Ook als het gaat om dit soort dingen vinden ze het moeilijk om hun eigen gedrag onder ogen te komen.

Dat is, denk ik, ook de reden dat ze de schuld vaak bij een ander leggen. Omdat het te confronterend is, te pijnlijk voelt, om te erkennen dat ze zelf iets hebben gedaan dat niet zo fijn was.

Overigens geloof ik niet in schuld. Want ook al lijkt het zo, op een dieper niveau is een kind altijd onschuldig (wij overigens ook). Er is altijd een reden waardoor je kind doet zoals ze doet.

Wat ook mee speelt bij de weerstand om te praten, is dat je kind waarschijnlijk bang is om op zijn kop te krijgen. Want vergeet niet dat kinderen gewend zijn dat dit gebeurd in een nagesprek met volwassenen. Ze krijgen te horen wat ze fout hebben gedaan. Logisch dus ook dat je kind daar geen trek in heeft.

Om toch met je kind in gesprek te komen, moet je daar dus rekening mee houden. Het kind moet gerustgesteld worden, weten wat het doel van het gesprek is (dus geen standje of verwijt). En horen dat iedereen dingen doet waarvan je achteraf denkt ‘oeps, niet zo handig’. Dat is normaal menselijk.

Dus vooral in het begin als je start met dit soort gesprekken, is er zorgvuldig voorwerk nodig. Om te zorgen dat je zo ver komt, dat je in gesprek kunt gaan. Dat vraagt aandacht en zorg. En een open houding, waarbij je zelf ook (weer) rustig bent.

Maar het is zeker de moeite waard. En het mooie is, hoe vaker je dit doet, hoe meer je kind eraan went. Op een gegeven moment kan het zo zijn, dat hij of zij zelf aangeeft iets te willen bespreken. Hoe waardevol is dat.

Door in gesprek te gaan, kom je samen met je kind tot oplossingen voor terugkerende situaties. Waardoor er minder conflicten ontstaan. Maar daarnaast verbetert de relatie met je kind, er is meer verbinding. Meer verdraagzaamheid en meer openheid. En ook dat leidt weer tot minder aanvaringen.

Wil jij ook graag vaker en beter in gesprek komen met je kind?  In de online module Het oplossingsgerichte gesprek ontdek je precies hoe je dit voor elkaar krijgt. Inclusief stappenplan dat je als reminder tijdens het gesprek erbij kunt hebben.

Ik hoor graag van je wat jouw ervaringen zijn. Ook fijn als je dit blog voor me wilt delen, dank je wel!

Waarom pittige kinderen niet van complimentjes houden

Voor veel ouders is het geven van een complimentje een vast onderdeel van het opvoeden. Maar regelmatig hoor ik dat het bij hun pittige kind niet werkt, eerder averechts lijkt te werken. Hoe komt dat en zijn er alternatieven?

Natuurlijk gaf ik, net als andere ouders, ook complimentjes aan mijn kind. Maar ik kan me nog goed herinneren dat het bij mijn pittige kind vaak verkeerd uitpakte. Het leek eerder een uitnodiging om negatief gedrag te laten zien.

Ik heb me vaak afgevraagd wat daar nu gebeurde. En ik denk dat het wellicht te maken heeft met de behoefte van een pittig kind om autonoom te zijn, om zelf de regie te hebben.

Als je vader of moeder dan zegt dat je iets goed gedaan hebt, dan zegt hij of zij dus iets over jou. Die heeft dan kennelijk de positie om over jou te oordelen. En daar houdt een pittig kind niet van.

Dus zeg jij dat iets goed gedaan is, of goed gaat? Wees dan niet verbaasd als je kind vervolgens kennelijk wil laten zien dat dat helemaal niet waar is.

Nu ik dit zo opschrijf, bedenk ik mij ook dat het klopt. Want sommige complimenten zijn voor ons volwassenen best prettig. Maar als een ander je vertelt dat je je goed gedragen hebt, dat zou best gek zijn. Hoezo bepaalt die ander dat? Zo ervaart een pittig kind het ook, hij of zij wil serieus genomen worden.

Er kan echter ook iets anders aan de hand zijn. Zo besprak ik laatst met een ouder dat een compliment bij haar kind angst leek op te roepen. Angst om het daarna fout te doen. Want misschien lukt dat wat nu goed ging, een andere keer wel niet. Ongemak, dat ook weer kan leiden tot een negatieve reactie na het compliment.

Dat klopt dan weer met de theorie van de fixed mindset. Complimenten kunnen voor een fixed mindset zorgen. Dat betekent dat wie je bent en wat je kunt vastligt. In tegenstelling tot de growth mindset, waarbij een kind weet dat er dingen te leren vallen. Wat nu niet lukt, kan een volgende keer wel lukken.

Het geven van (teveel) complimenten is sowieso niet bevorderlijk voor de innerlijke motivatie van een kind. Het gaat dingen doen die de volwassen graag zien, in plaats van waar ze zelf gemotiveerd voor zijn. Een kind kan ook onzeker worden van teveel complimenten, want wat betekent het als een compliment uitblijft? Heb je het dan niet goed gedaan?

Gelukkig zijn er alternatieven. Je hoeft niet niks te zeggen. Je kunt je kind ook positieve feedback geven zonder dat je een compliment geeft.

Je kunt bijvoorbeeld je eigen gevoel over een situatie delen: “Wat fijn dat je al zelf je pyjama hebt aangedaan. Nu hebben we tijd om lekker veel verhaaltjes te lezen”. Of “ik werd helemaal blij toen ik zag dat je je kleine broertje hielp op het klimrek”.

Daarnaast is het goed om alleen een situatie te beschrijven, zonder oordeel. Bijvoorbeeld “ik zag dat je heel hard geoefend hebt” of “je hebt je kamer helemaal opgeruimd”. Zodat je kind zelf de conclusie kan trekken dat hij iets goed kan.

In het bekende boekje How2talk2kids noemen ze dat ‘effectief prijzen’. Ondanks het gebruik van het woord ‘prijzen’, wat ik zelf toch weer een oordeel vind, vind ik het wel een mooie aanpak.

Herken jij dit bij je kind? En helpt het dan om het anders te doen? Laat het weten, ik lees het graag. Ook fijn als je het artikel voor me wilt delen, dank je wel!

Laat de verantwoordelijkheid bij je kind

Als je je kind meer zelf de verantwoordelijkheid laat hebben, sla je twee vliegen in één klap. Je kunt zelf meer achteroverleunen. En je kind krijgt meer eigen regie, precies waar hij of zij bij gedijt.

Wat ik vaak zie bij ouders van pittige kinderen, is dat ze hard aan het werk zijn om te zorgen dat hun kind doet wat er gedaan moet worden. Veel ouders zien op tegen een boze bui en proberen dat zoveel mogelijk te voorkomen.

Hoe begrijpelijk ook, het werkt averechts. Want het leidt ertoe dat je je kind teveel op zijn nek zit. Zeker bijvoorbeeld in de ochtend. Een kind kan zich dan opgejaagd gaan voelen en zet de hakken juist in het zand.

Maar sowieso houden pittige kinderen er niet van om gestuurd te worden in het moment. Ze willen niet dat jij de baas bent. Ze willen zelf bepalen. Als jij a wilt, willen zij b. Alleen omdat jij iets wil, willen zij het niet.

De kunst is dus om zo min mogelijk iets van je kind gedaan te willen hebben. De oplossing daarvoor is: geef je kind zijn of haar eigen verantwoordelijkheid (terug). Ook bij jonge kinderen kan dat.

Zorg voor duidelijkheid en structuur. Bijvoorbeeld als het over de ochtend gaat: wat moet er allemaal gebeuren voordat je kind de deur uit kan? Structureer het met je kind in de tijd, koppel het aan de (wijzers van) de klok. Of gebruik een timer.

Vervolgens is het aan je kind om te zorgen dat ze op tijd klaar is. En als dat niet gelukt is, dan zijn de gevolgen ook voor haar. Dan komt ze bijvoorbeeld te laat op school. Of gaat hij op sokken de deur uit.

Voor veel kinderen werkt dit een stuk beter. Want ze willen wel doen wat er moet gebeuren. Maar niet als jij het van hen verlangt. Maar biedt duidelijkheid en laat het verder aan henzelf. Dan zul je zien dat het heel vaak wel goed komt.

Daar komt bij, dat jij je niet meer druk hoeft te maken. Je kunt rustig je eigen ding doen. Aanwezig zijn, zonder spanning in te brengen. Want je hoeft niet bang te zijn dat iets niet lukt. Het is niet erg als je kind te laat komt.

Pittige kinderen leren nu eenmaal het meest door ondervinding. Waarschuwen helpt echt niet. Dat geeft alleen maar irritatie. Natuurlijk is het handig om soms eventuele consequenties, die je kind nog niet ziet aankomen, te vertellen. Maar meer is niet nodig.

Zo sla je twee vliegen in één klap. Er komt veel meer rust, je laat het leven gaan zoals het gaat. Je maakt je niet druk. En tegelijkertijd is de kans veel groter dat het wél goed gaat. Ook al moet het daarvoor misschien een paar keer misgaan. Als het eenmaal geleerd is, is het voor lange tijd geregeld.

En dat scheelt enorm veel energie én maakt de sfeer veel beter. Dus maak jezelf niet langer verantwoordelijk voor wat er van je kind verwacht wordt. Laat die verantwoordelijkheid daar waar het hoort. Voor iedereen veel beter 🙂

Spreekt dit je aan? Download dan de gratis handleiding, waarin ik je nog meer tips geef. Je ontvangt dan ook mijn tweewekelijkse mail met nieuwe opvoedtips.

Ook fijn als je dit blog wilt delen op social media, dan hebben ook andere ouders er profijt van. Dank je wel alvast! En zoals altijd lees ik graag je reactie hieronder.

Vrede op aarde begint met vrede in je huis

Vrede op aarde, zongen we. Dat is wat we wensen, maar dat is nog niet zo eenvoudig. Het tegendeel lijkt te gebeuren in de wereld. En helaas hebben wij weinig invloed op. Maar we kunnen wel klein beginnen met vrede in ons eigen huis en onze eigen omgeving.

Oorlog kan ontstaan als de ene groep zich tegenover de andere plaatst of geplaatst ziet. Het wij-zij denken. Wij-zij denken is altijd een bedreiging voor de vrede. Echte vrede kan pas ontstaan als we inzien dat we allemaal bij elkaar horen, dat we elkaar nodig hebben. En eigenlijk ook, dat we inzien dat we niet wezenlijk verschillen van elkaar.

In je eigen gezin is er misschien geen wij-zij. Maar vaak wel ik-jij. En ik-jij denken geeft ook strijd. Want  dan zijn er belangen te verdedigen. En kun je gekwetst worden omdat je denkt dat de ander zich boven jou plaatst.

Ik-jij denken klinkt misschien wat zwaar. Maar op een bepaalde manier sluipt het er toch gemakkelijk in. Bijvoorbeeld de momenten waarop we als ouder niet echt luisteren naar ons kind. Of onze macht gebruiken om onze zin door te zetten. Het kind ervaart dan dat het voor zijn eigen behoeftes niet als vanzelf op ons kan vertrouwen.

Een ander voorbeeld. Ruzies tussen kinderen zijn normaal. Als ouder kun je echter gemakkelijk in de valkuil stappen dat jij als scheidsrechter moet oordelen hoe het opgelost wordt. Niet doen. Er is altijd een kind blij en een kind boos. Voor de kinderen is dat ook een ik-jij ervaring. Rivaliteit wordt in de hand gewerkt.

Vrede kan bloeien als er saamhorigheid is. Als we ons met elkaar verantwoordelijk voor elkaar voelen.  Als we de behoefte van een ander evenzeer respecteren als die van onszelf. Dat creëert  verbondenheid. Begin met vrede in je eigen gezin en zet in op verbinding.

Hoe doe je dat in praktijk? In de eerste plaats door goed te luisteren en de behoefte van (ieder) kind en van jezelf serieus te nemen. In de tweede plaats door het uitgangspunt te hanteren dat ieder zijn eigen waarheid heeft. Er is niet zoiets als dé waarheid. Ieder heeft zijn eigen mening en beleving, respecteer dat.

Zo kun je zorgen dat iedereen zich erkend voelt. En als er conflicterende behoeftes zijn, zoek dan zoveel mogelijk naar oplossingen die voor iedereen aanvaardbaar zijn. Alleen al door dit als uitgangspunt te nemen bevorder je de verbondenheid. Samen verantwoordelijkheid voor elkaar, daar gaat het om.

Daarbij hoort ook niet (ver)oordelen. Respecteren kan alleen als je niet veroordeelt. Daarin ben je een voorbeeld voor je kind. Ook als je over andere mensen of andere groepen praat. Wees je dus bewust van wat je denkt en zegt. Respect leer je niet door erover te praten, maar door het voor te leven.

Een mooie tweeslag eigenlijk. Op deze manier zorg je én voor meer vrede en rust in je eigen gezin én leer je je kind hoe hij op een respectvolle manier met anderen kan samenleven. Zo lever je straks echte vredelievende burgers af 🙂

Vrede op aarde!

Vind je deze woorden de moeite waard? Fijn als je ze wilt delen. Ook lees ik graag je reactie. Alvast bedankt!

1 2 3 20
>

Door de site te te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Privacyverklaring

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten