All Posts by Karla Mooy

Waarom je kind zelf verantwoordelijk mag zijn

De meeste ouders maken zichzelf verantwoordelijk voor hun kind. Of het wel op tijd op school komt (ook al is je kind al een puber), of het huiswerk afkomt, enz. Dat is niet handig, zelf bij jonge kinderen kun je je kind al deels zelf verantwoordelijk laten zijn. Daar zijn verschillende redenen voor.

Eén van de belangrijkste redenen is dat je daarmee uit de machtsstrijd kunt komen. Machtsstrijd ontstaat omdat jij iets van je kind wil, waar een kind het nut (nog) niet van inziet. Jij wil je kind besturen en een pittig kind laat dat niet toe. Met als gevolg: veel strijd.

Een andere belangrijke reden is dat je kind leert door ondervinding. Pittige kinderen willen graag hun eigen ding doen. Ze luisteren niet naar je goedbedoelde aanwijzingen. Ze moeten eerst consequenties ervaren.

Pas dan ontstaat er een motivatie om dingen anders te doen. Om een voorbeeld te geven: laat je kind zelf zorgen dat ze op tijd op school komt. Spreek met de juf af, dat niet jij, maar je kind erop aangesproken wordt als ze te laat komt.

Niet dat je je kind aan zijn lot moet overlaten. Natuurlijk help je je kind om dit te kunnen. Door bijvoorbeeld een checklist of pictogrammen te gebruiken in combinatie met een timer of gewoon met de klok. Zodat het wel voorgestructureerd is en je kind niet verzandt in wat er moet gebeuren.

Maar de verantwoordelijkheid om het ook te doen, ligt dan bij je kind. Zie jezelf als een begeleider, een coach. Als het ‘misgaat’, bespreek dan met je kind wat er nodig is om het wél te laten lukken. Zo laat je je kind niet zwemmen, maar neem je het ook niet over.

Het is dus zowel goed voor jou als voor je kind. Voor je kind is het leerzamer. Voor jezelf scheelt het veel stress, je kunt meer ‘achteroverleunen’. Al zit daar wel een addertje onder het gras: je moet wel leren om te laten gebeuren dat dingen ‘misgaan’. En dat vinden we vaak lastig, maar oefening baart kunst.

En het kan ook zomaar zijn dat je dan positief verrast wordt. Dat iets helemaal niet misgaat, al had jij dat wel verwacht. Dus het is ook heilzaam voor jouw vertrouwen in je kind.

Tenslotte is het beter voor jullie relatie. Je kind voelt zich meer serieus genomen en meer vrijgelaten, jullie hebben veel minder strijd en een beter contact. Wat wil je nog meer 😊

Ben je het met me eens of doe je het al zo? Ik lees graag je reactie hieronder. Ook fijn als je het voor me wilt delen. Dank je wel!

7 tips voor een soepele ochtendspits

In veel gezinnen is het ’s ochtends spitsuur. Het valt waarachtig niet mee om iedereen op tijd gekleed, met een gezond ontbijt achter de gepoetste kiezen op school en werk te krijgen.
Sommigen van ons hebben het gevoel als ze op hun werk komen, dat er al een halve werkdag opzit 🙂. Hoe kun je zorgen dat de ochtendspits soepeler verloopt, zodat het je minder energie en vooral ook minder frustratie kost?

Tip 1     Niet leuk, wel effectief: zet de wekker kwartier eerder

Ik weet dat dat niet meevalt. Maar als je vaak alles op het nippertje redt (of net niet) bedenk dan eens dit. Wat levert het je op als je de wekker niet een kwartier eerder zet . Een kwartier langer slapen dus. En wat kost het je? Stress, ergernis, energie, misschien schaamte als je te laat komt. En vooral: een gezellig begin van de dag. Weegt dat werkelijk op tegen een kwartiertje langer in je bed?

Continue reading

Hoe we ons boos of verdrietig denken.

Een blog over hoe ons denken ons in de weg zit. Ook in het opvoeden. Hoe meer je inziet hoe dat werkt, hoe makkelijker het wordt. En hoe fijner het is voor je kind.

Ik kan me nog herinneren dat ik vroeger (toen ik jong was) tijdens een ruzie in mijn relatie weleens zo’n vaag gevoel had, dat het ook anders zou kunnen. Alsof we een toneelstukje aan het doen waren. Terwijl ik tegelijkertijd ook zéker wel emotioneel was.

Nu weet ik dat dit gevoel klopte. Hoezeer we ook ergens in opgaan, altijd blijft er iets ‘aanstaan’, dat zich dit bewust is. Je bewustzijn, zou je dus kunnen zeggen. Dat wat alles onmiddellijk, op precies hetzelfde moment, waarneemt. Je aanwezigheid, zou je ook kunnen zeggen.

Precies dát was het, wat ik mij ergens vaag bewust was. Er wat iets wat het waarnam en de gedachte deed opkomen: ‘we kunnen hier ook gewoon mee stoppen’.

En dat is waar. Er is altijd de mogelijkheid dat je iets opeens anders ziet en dan anders reageert. Eigenlijk is dat heel normaal. Of beter gezegd, natuurlijk. Van nature zou je op elk moment reageren op een manier die bij de situatie past.

Het enige wat ertussen zit, is ons denken. We dénken dat de situatie zus en zo zit. We dénken dat het logisch is dat we ergens boos van worden. We dénken ons ook boos, in feite. We hebben een irritatie-gedachte ‘kan het nou nooit normaal hier’, of ‘waarom doet hij altijd zo moeilijk’ enz. En voilá, we zijn boos.

Dat is wat mij het afgelopen jaar steeds duidelijker is geworden. En waar ik je graag wat meer over zou willen vertellen. Omdat het helpt als je meer en meer inzicht krijgt in hoe het denken we werkt en hoe we in feite ons denken ervaren.

Het is niet de situatie die je boos maakt. Het zijn je gedachten erover. Maar wat zijn gedachten eigenlijk? Ze hebben geen vorm, ze zijn vluchtig, je bent ze zo weer kwijt, tenzij je ze steeds herhaalt. En dat doen we vaak. Maar waarom zouden we dat blijven doen?

We kunnen er ook mee stoppen. Nee, niet met denken. Je hebt niets te melden over je gedachtes, ze komen en gaan, of je wilt of niet. Soms is dat fijn en soms helemaal niet handig.

Maar we kunnen wél inzien hoe het werkt. En dat we er alleen maar last van hebben om ze steeds te herhalen. Ze te geloven. Want dat doen we. We geloven ze en herhalen ze en geven ze steeds meer voeding.

Totdat we barsten van frustratie en boosheid, of verdriet. We uitbarsten in boze woorden (ook naar ons kind) of in een huilbui. En voor onze kinderen is dat al helemaal niet fijn. En zeker niet helpend.

En daar mogen we mee stoppen. Stoppen met gedachten herhalen en ze te geloven. We nemen ze veel te serieus. En soms overkomt je dat gewoon, mij ook. Maar er zijn altijd weer momenten waarop je je kunt realiseren “O ja, ik doe het weer. Ik geloof mijn gedachten en voed ze teveel”.

Dat zal je enorm helpen om niet meer uit te vallen tegen je kind. Om niet je geduld te verliezen (want je hoeft niet meer je best te doen om het te bewaren). Om de dingen beter te kunnen accepteren, te laten zijn voor wat ze zijn.

Dan wordt je leven makkelijker en lichter. En vrolijker. Maak je je minder zorgen, ontdek je dat je niet overal wat van hoeft te vinden (ook vind je hoofd van wel).

En soms overkomt het je tóch. Dat is dan zo. Zo is het leven. Dan is er dit en dan is er dat. Maar alles gaat voorbij. En hoe meer je inziet hoe het werkt met je denken, hoe eerder je het zult opmerken dat het ‘het weer doet’.

Het leek me wel een passend onderwerp voor een blog zo op de drempel van het nieuwe jaar. In een tijd die toch altijd oproept tot overpeinzing. Ik ben benieuwd wat je ervan vindt. Gelukkig nieuwjaar!

Als je kind niet naar school wil

Stel je hebt een duidelijke ochtendroutine, en toch werkt je kind erg tegen, of komt tot niks. Of je kind zet de hakken in het zand en zegt ‘ik wil niet naar school’, wat dan? Ik geef je wat tips.

Voor veel pittige kinderen zijn overgangen lastig. Overgangen van de ene naar de andere situatie. Zo ook de overgang van huis naar school. Ze zien er tegenop om te verlaten waar ze zijn en een nieuwe situatie in te gaan.

Wat je dan kunt doen is dit benoemen, als het kind dat zelf nog niet heeft gedaan. ‘Het lijkt erop dat je geen zin hebt om naar school te gaan, klopt dat?’

De volgende stap is erkennen. ‘Ja, dat snap ik hoor. Ik zou het ook fijn vinden om met jou hier thuis te blijven. Het is heel vaak lastig om ergens anders naar toe te gaan, toch?’

En dan is de volgende stap perspectief bieden. ‘Dat is helemaal niet erg. En weet je, het gaat ook weer over. Dus ook al heb je geen zin, je kunt gewoon gaan. Mét een kriebel in je buik. En dan moet je eerst eventjes wennen op school, dat is altijd zo. En daarna is het over. Dan ben je gewend, en dan is het weer leuk’.

‘Dat is altijd zo, dus het is helemaal niet erg dat je nu een kriebel in je buik hebt. Of dat je denkt ‘ik wil niet gaan’. Dat is heel gewoon, dat hebben veel mensen. Net als jij en ik’.

En als je dan met je kind op school aankomt, dan kun je dat nog eens herhalen. ‘Misschien voel je de kriebel nog, of vind je het nog een beetje spannend, dat geeft niet. Kijk, ik breng je naar de juf, en dan zal zij vandaag voor jou zorgen. Komt helemaal goed’.

Dat laatste helpt bij jonge kinderen die zich nog wat verloren voelen in de groep. Maar ook voor oudere kinderen kan het goed zijn om even contact te maken met de leerkracht, even goeiedag te zeggen, zodat het contact gelegd is. Pittige kinderen zijn erg gevoelig voor verbinding, dat kun je de leerkracht ook uitleggen.

En natuurlijk is het ook belangrijk om te checken of er iets bijzonders speelt op school. Hoe het met je kind gaat overdag op school. Zeker als je kind hierin een terugval heeft en daarvoor wél zonder problemen naar school ging. Er kan altijd een specifieke reden zijn voor de weerstand van je kind om naar school te gaan.

Maar vaak is het ‘gewoon’ spanning van bij huis weggaan en voor hoe de dag zal zijn. Niet erg. Hoe rustiger je erover praat, hoe meer vertrouwen jij uitstraalt, hoe beter het werkt voor je kind. En als je later navraagt bij de leerkracht, is de kans groot dat er inderdaad even later niks meer aan de hand is en je kind vrolijk meedoet met alles.

Wennen is in dit verband een mooi woord. Veel kinderen snappen wel wat ermee bedoeld wordt. Het beschrijft wat er aan de hand is en biedt perspectief en vertrouwen. Dus gebruik dit woord bij allerhande situaties waar je kind vaak eerst even tegenop ziet.

Heb je hier wat aan, beste lezer? Hieronder lees ik graag je reactie. En wil je het voor me delen op social media? Dank je wel!

Kijk door het lastige gedrag heen

Gedrag is niet wat het lijkt. Pittige kinderen kunnen heel dwars, brutaal en boos zijn. Soms bijna onhandelbaar lijkt het wel, zeker jonge kinderen. Het is dan des te meer nodig om daar doorheen te kijken. En je af te vragen wat er aan de hand is.

In de tijd dat ik dit blog schrijf, de sinterklaastijd, hebben veel pittige kinderen het lastig. De spanning rond sinterklaas speelt hen parten. En hoewel ouders dit wel weten, is het kennelijk vaak ook lastig om je dat in het moment ook te realiseren.

Ouders verliezen hun geduld, raken gefrustreerd en worden zelf ook sneller boos. En voor je het weet zit je in een spiraal de verkeerde kant op. Heel begrijpelijk, maar niet fijn. En ook niet nodig.

Realiseer je dat er een reden is dat je kind zo doet. Het komt door de spanning. En hoe hoger die oploopt, hoe prikkelbaarder je kind is, hoe sneller het ‘mis’ kan gaan.

Je kind wil heel graag grip terug op zijn leven om de spanning te beteugelen. Dat is de reden dat ze zo dwingend kan zijn thuis. Ze wil perse regie terug, want ze kan zich zo moeilijk overgeven aan het leven. Zeker als er zoveel spannende dingen zijn. Dus je kind heeft het moeilijk.

Hij is niet meer voor rede vatbaar, dus probeer dat dan ook niet. Het leidt alleen maar tot meer frustratie aan beide kanten. Ouders die proberen hun kind uit te leggen waarom iets moet of niet mag. En kinderen die dat helemaal niet meer kunnen horen, zich alleen maar gefrustreerd voelen.

Wat je kind wél nodig heeft, zijn twee dingen. Ten eerste heeft hij de verbinding met jou extra nodig. Geef je kind juist extra knuffels in deze tijd. Wat er ook gebeurt, hoeveel escalaties er ook zijn, stel je kind altijd weer gerust dat alles oké is en hij de liefste is.

Je kunt je kind ook gewoon uitleggen wat er aan de hand is. ‘Het is altijd spannend als Sinterklaas in het land is. Schoen zetten, pakjesavond, bezoek van Sinterklaas op school. Het is heel normaal dat je dat spannend vindt. En dan is het ook logisch dat je sneller boos bent dan anders, dat is niet erg’.

Stel je verwachtingen bij. Wat niet wil zeggen dat je de structuur loslaat, juist niet. Maar probeer niet je kind te overtuigen of zover te krijgen dat ze uit zichzelf meewerkt. Accepteer de tegenstand, erken die ook, maar doe ondertussen gewoon wat er moet gebeuren.

Want dat is het tweede wat nodig is. Duidelijkheid bieden is extra belangrijk in moeilijke tijden als deze. Kinderen krijgen ook grip terug door te weten waar ze aan toe zijn. Te ervaren dat dingen gaan zoals ze verwachten.

Dus maak inzichtelijk hoe de week eruit ziet. Bereid je kind voor op het Sinterklaasbezoek op school, vraag aan de leerkracht wat je kind precies kan verwachten. En hou thuis vast aan de afspraken en routines.

Ditzelfde geldt niet alleen voor de sinterklaastijd, maar voor alle periodes in het leven van je kind waarin hij uit evenwicht is door de gebeurtenissen om hem heen. Zoals naar een (nieuwe) school gaan, een broertje of zusje krijgen, verhuizen, op vakantie gaan naar een vreemde plek, enz.

En als je het toch eens moeilijk hebt door het gedrag van je kind en je voelt de irritatie oplopen: kalmeer dan eerst jezelf. Adem wat dieper in en rustig uit. Vertel jezelf ‘dit is niet het einde van de wereld, en het gaat ook weer voorbij. Ik kan dit aan’.

Herken jij dit bij je kind en vind je dit blog behulpzaam? Laat het hieronder weten. En deel het op social media, dat zou fijn zijn. Dank je wel.

Eigenlijk logisch dat je zoveel strijd hebt met je kind

Als ouders mijn hulp inroepen is dat 9 van de 10 keer omdat ze veel strijd hebben met hun kind. Omdat er vaak gedoe is, ruzie is, hun kind vaak nee zegt en niet meewerkt. Eigenlijk iets wat elke ouder weleens ervaart. Maar dan gewoon elke dag. Elke dag strijd met je kind is uitputtend en maakt ouder en kind niet gelukkig. Hoe komt het nu dat je zo vaak strijd met je kind hebt?

Laat ik maar met de deur in huis vallen: het is NIET omdat je niet kunt opvoeden, omdat jij het allemaal verkeerd zou doen. Als je vaak strijd hebt met je kind, kun je wel heel gemakkelijk dat gevoel krijgen, maar onthoud: dat is niet waar. Het ligt niet aan jou!

Bijna altijd als ik met ouders in gesprek raak, blijkt vroeg of laat in dat gesprek dat hun kind geen doorsnee kind is. Kinderen met specifieke kenmerken. Vaak zijn het kinderen die niet flexibel zijn, prikkelgevoelig zijn, graag de dingen zelf bepalen en behoorlijk temperamentvol zijn. Een pittig kind, noem ik dat tegenwoordig.

Ligt het dan aan het kind? Nee, ook niet. Je kind heeft specifieke kenmerken, maar dat heeft iedereen. Niks abnormaals aan. Het ligt aan de interactie. De combinatie van kind en hoe je met je kind omgaat, je opvoedingsaanpak. Deze kinderen gedijen niet bij de gebruikelijke aanpak in het opvoeden.

Over het algemeen gaan ouders in Nederland vrij vriendelijk met hun kinderen om. Ze geven ruimte en inspraak aan hun kind. Maar als puntje bij paaltje komt zijn ze wel de baas. Zo nodig wordt gedrag gecorrigeerd door belonen of straffen (time out bijvoorbeeld)

En veel kinderen doen het daar op. Niet dat het in mijn visie het beste is wat je je kind kan bieden, maar bij veel kinderen geeft dat niet echt grote problemen. Over het algemeen loopt het wel en eventuele problemen vallen in de categorie “Overal is weleens wat”, je weet wel wat ik bedoel.

Maar de kinderen die ik hierboven omschreven heb, die doen het daar niet op. Die worden snel boos, accepteren moeilijk een nee, willen hun zin doordrijven en strijden desnoods door tot het bittere eind. Ze zullen niet snel jouw gezag accepteren. En juist thuis gooien ze de kont tegen de krib.

Bovendien kunnen ze boos worden omdat ze zich onbegrepen voelen. En vaak is dat ook zo. Omdat ze wat anders in elkaar steken dan de meeste kinderen, worden ze niet echt begrepen. En reageert een ouder onbewust op een verkeerde manier.

Tenslotte word je als ouder door het gedrag van deze kinderen nogal op de proef gesteld. Veel meer dan bij andere kinderen worden jouw emoties getriggerd. En die maken het probleem ook weer groter. Want er zit een grens aan hoe lang jij je geduld weet te bewaren.

Wat is er nu nodig om uit deze strijd met je kind te komen? Daarvoor is een andere benadering van je kind nodig. Eentje die ervoor zorgt dat je kind zich beter begrepen en geaccepteerd voelt. Eentje die recht doet aan de behoefte van je kind aan eigen inbreng. Eentje die jouw handelen veel beter afstemt op de specifieke kenmerken van je kind.

Mijn belangrijkste boodschap is dus: het ligt niet aan jou, het ligt niet aan je kind. Jullie doen allebei je best. Maar je kind heeft iets anders van je nodig. En het goede nieuws is: dat kun je leren.

Concrete tips vind je in mijn gratis handleiding, gratis onlinetrainingen en blogs. Aanmelden voor een online training doe je hier.

Heb je meer hulp nodig, dan kan mijn onlineprogramma Stap voor stap een gelukkig gezin je goed helpen. Klik hier om te lezen wat het programma hoe dit programma ook voor jou de oplossing kan zijn

Wil je me helpen om deze boodschap verder te verspreiden? Deel dit blog dan voor me. Heel erg bedankt daarvoor! 

En natuurlijk hoor ik graag van je, dat kan hieronder 🙂

Begrenzen hoort er wel degelijk bij.

Mijn visie op opvoeden is kindgericht. Kijken wat het kind nodig heeft, uitgaan van vertrouwen. Dat betekent o.a. goed luisteren en erkenning geven.  Vaak ontstaat dan het misverstand, dat je altijd lief, begripvol en geduldig moet blijven wachten tot je kind je begrijpt en ergens mee stopt of iets gaat doen wat moet gebeuren. Maar zo soft is deze aanpak niet :). Ik zal je uitleggen hoe het zit.

Ten eerste heb je als ouder natuurlijk een speciale verantwoordelijkheid. Daarom heeft je kind een ouder nodig, die voor hem zorgt. Je zorgt voor de veiligheid, gezondheid en het welzijn van je kind. Als je kind iets gevaarlijks doet, grijp je natuurlijk in. Je gaat niet rustig uitleggen, dat het kind zijn arm op moet tillen omdat anders zijn mouw vlam vat. Nee, je trekt zijn arm onmiddellijk bij het vuur vandaan.

Ten tweede zijn er grenzen, die je trekt omdat er een belangrijke waarde of behoefte van jou in het geding komt. Je wilt bijvoorbeeld niet dat je kind een broertje of zusje pijn doet. Of je wilt niet dat je kinderen met stiften op het behang tekenen. Daar zul je duidelijk in moeten zijn.

Deze grenzen vragen om handhaving. Soms wordt dat verward met de baas spelen als ouder of niet respectvol zijn. Maar dat is het niet. Het is de verantwoordelijkheid oppakken, die je als ouder hebt Je kind heeft dat nodig van jou.

Wat daarbij van belang is, dat je er zelf echt achter staat. Dus stel geen grens omdat je denkt dat het zo hoort (niet zonder douchen gaan slapen, bijvoorbeeld). Of een halfzachte grens,  iets wat je liever niet hebt, maar als puntje bij paaltje komt, blijkt het niet zo’n stevige grens (niet met een bal spelen in huis, bijvoorbeeld). Je moet het als het ware in jezelf verankerd hebben.

Handhaven doe je dan door duidelijk, maar rustig te blijven staan. Heb ruimte voor de weerstand van je kind. Erken die ook. En blijf staan voor wat je echt niet wil of juist wel.  Grijp eventueel fysiek in. Pak de arm van je kind vast en zeg “Natuurlijk ben je heel boos op je zusje. Maar hier in huis slaan we elkaar niet. Zeg het met woorden” of til je springende kind van de bank en zeg “Springen op de bank is leuk, maar maakt de bank stuk. Helaas, pindakaas…”

Het is dus én én. En je erkent de frustratie van je kind én je blijft staan in wat je echt niet wilt. “Nee, dat is niet leuk. En toch zul je nu iets anders moeten verzinnen. En je mag best even boos zijn, dat snap ik wel “.

Stuur de gedachten van je kind richting een oplossing, dat kan erg helpen. Stel een hoe-vraag. “Hoe zou het wel kunnen” of “Hoe kunnen we ervoor zorgen dat … “.  Bijvoorbeeld: Hoe kun je op zo’n manier op de muur tekent, dat het er ook weer afkan, bijvoorbeeld”.

Zie het als iets dat je kind nog moeilijk vindt. Neem het niet persoonlijk. Stop het rennende kind en zeg bijvoorbeeld “Ik zie dat je even vergeten bent, dat we hier in huis niet rennen.” Geef eventueel een keuze:  “Wat wil je: buiten tikkertje spelen of binnen iets anders gaan doen?”

Als je er op die manier naar kijkt, is het makkelijker om rustig te blijven. Je hoeft helemaal niet boos te worden, liever niet. Maar je mag best streng zijn, of ‘ferm’, zoals ik dat graag noem. Zodat je kind voelt dat het menens is. Dat jij de grens of afspraak handhaaft. Dat maakt je ook voorspelbaar en dat heeft je kind nodig.

Delen is fijn, dank je wel alvast.

Vind jij het ook lastig om grenzen te handhaven? En hoe pak jij het dan aan? Laat het me hieronder weten, ik ben er echt benieuwd naar.

Wees niet bang voor een boze bui

Een driftbui van je kind is niet leuk, daar weet ik alles van. En zeker niet als het regelmatig gebeurt. Dus het is niet meer dan logisch dat je probeert dat te voorkomen. En toch is het beter om er niet bang voor te zijn.

Links

Veel ouders die ik spreek vertellen dat ze ‘op eieren lopen’. Misschien herken je dat zelf ook wel. Altijd bezig om het zo te sturen dat er geen driftbui komt.

En dat is logisch, want het is echt niet leuk. Ouders houden, zoals zoveel mensen, van harmonie en gezelligheid in huis. Pittige kinderen kunnen veel invloed hebben op de sfeer in huis.

Toch werkt het averechts. Want dat ‘op eieren lopen’ geeft spanning in jezelf. En die spanning voelt je kind ook. Dus je verhoogt onbewust de spanning in de sfeer, die je kind ook weer kwijtmoet. En dus vergroot je de kans op een boze bui.

Van mij mag je dus per direct stoppen met het lopen op eieren. Scheelt ook veel energie trouwens (!). En weet je wat ook zo is? Je hoeft eigenlijk helemaal niet bang te zijn voor een boze bui.

Want een boze bui is alleen maar precies dat. Een boos kind. En dat gaat ook weer over. Als je je er niet meer tegen verzet, maar het kan accepteren zoals het komt, scheelt dat enorm. De boosheid kan makkelijker weg. En zelf kun je kalm blijven, waardoor er ook geen escalatie volgt.

Een boze bui hoeft helemaal geen scène te worden. Het kan gewoon blijven wat het is, een boze bui. Het enige wat nog inspanning vraagt van jou, is je kind te begeleiden bij het uiten van de boosheid.

Want boosheid is oké, dat hoort bij het leven en heeft zeker ook een functie. Want zonder boosheid weet je ook niet waar je grenzen en liggen. Dus die moet je altijd accepteren als ouder. Alleen de manier waarop je kind de boosheid uit, daar heeft hij of zij meestal wat te leren.

En ook dat hoort bij het leven. Het zal niet in één keer ‘goed’ gaan (het helpt trouwens ook enorm om niet meer te denken in termen van goed en fout, maar het leven te nemen zoals het komt. Maar dat terzijde). Het is een leerproces, zoals het hele leven dat eigenlijk is. Niets om je druk over te maken als je het goed beschouwt 😊

Ik ben benieuwd naar je reactie, kun je hier wat mee? Laat het hieronder weten. Ook fijn als je het deelt op social media, dank je wel!

Alles is een leerproces

Vaak zijn we als ouders veel te hard aan het werk. Steeds maar weer zorgen dat je kind doet wat er van hem of haar verwacht wordt. Elke dag opnieuw. Dat is niet alleen uitputtend, het is ook niet handig voor het leerproces van je kind.

Mijn uitgangspunt is: je kind is zelf verantwoordelijk. Zo vanaf een jaar of 6 (en vaak al eerder) kun je best je kind zelf verantwoordelijk laten zijn voor zaken, bijvoorbeeld het op tijd klaar zijn ’s ochtends. Zo niet, dan ervaart ze vanzelf de gevolgen (bijvoorbeeld in pyjama naar school moeten of op sokken in de auto).

Dit lijkt misschien wat cru. Maar pittige kinderen leren nu eenmaal vooral door ondervinding. Ze zijn te eigenwijs (en dat bedoel ik niet negatief) om zich te laten leiden door wat jij zegt, omdat jij het wel beter zult weten.

Waarschuwingen en aansporingen worden in de wind geslagen. Meestal moeten ze een ‘mislukking’ eerst een keer meemaken, voordat er wat verandert in hun gedrag. Want pas dán hebben ze een motivatie om het anders te doen, ze weten nu immers wat er kan gebeuren.

Ik zie alles als een leerproces. Als ouder zorg je voor een heldere structuur van afspraken, regels en gewoontes. Zodat je kind precies weet wat er verwacht wordt. Maar in hoeverre dat lukt, dat is het leerproces.

Dit uitgangspunt heeft een aantal grote voordelen. In de eerste plaats geeft het jou meer ruimte. Je hoeft niet meer eindeloos te zorgen dat de dingen ‘goed’ gaan. Je kunt het leven laten gebeuren, zoals het gaat. (Behalve als de situatie echt gevaarlijk is, maar dan grijp je automatisch in, daar hoef je niet over na te denken.)

In de tweede plaats is het veel beter voor de sfeer. Juist de hele tijd aansporen en opdrachten geven, leidt tot veel strijd. Want je kind wil immers zelf bepalen en zich niet door jou laten sturen. Dus komt hij in opstand en wil hij steeds minder doen wat je zegt.

Maar bovenal is het voordeel dat je nu aan de lange termijn werkt. Want nu moet jij elke dag zorgen dat je kind op tijd op school is, gezond eet, niet te lang achter een scherm zit, op tijd in bed ligt. Dat is hard werken en het resultaat altijd tijdelijk. Morgen begint alles opnieuw. Korte-termijn politiek in feite.

Maar als je kind het leerproces heeft doorlopen en zich aan de afspraak kan houden, heb je het ‘voor altijd’ opgelost. Zolang er niets bijzonders gebeurt, loopt het zoals de bedoeling is. Je kind heeft werkelijk iets geleerd. Dat is lange-termijn werk, veel beter, toch?

Gun je kind dit leerproces. Dat betekent wel dat je dingen ‘fout’ moet laten lopen. Dat je boze buien moet accepteren, als je kind botst met afspraken en regels die ze niet fijn vindt. Dat is moeilijk voor een ouder, daar weet ik alles van. Maar het is veel makkelijker als je weet dat het onderdeel is van het leerproces.

En dit geldt in feite voor alles. Niet alleen op tijd op school komen, maar ook omgaan met vriendjes, je boosheid op een goede manier leren uiten, huiswerk maken, op bezoek gaan, naar de tandarts gaan, enz. Werkelijk alles is een leerproces.

O ja, voor alle duidelijkheid: dit betekent niet je kind aan zijn lot overlaten. Jij bent de begeleider van het leerproces. Jij helpt je kind om lastige dingen te leren. Jij geeft je kind vertrouwen en perspectief. De belangrijkste taak die er is!

Ik ben benieuwd of dit artikel je inspireert en verder helpt. Ik hoor graag van je, laat hieronder je reactie weten. En zoals altijd is delen heel fijn, dank je wel alvast!

Dank-je-wel zeggen: zo leert je kind dat vanzelf.

“En wat zeg je dan?” Voor de meeste ouders was dat vroeger dé manier om je kind te leren dank je wel zeggen. Ook nu nog hoor je dat regelmatig. Ik heb dat vroeger ook gedaan, tot ik eens iets las wat me aan het denken zette. Sindsdien deed ik het anders.

Er zijn een aantal redenen om het anders te doen. Ten eerste is het zinnetje “wat zeg je dan?” voor kinderen niet direct duidelijk. Wat zouden ze moeten zeggen: “mag ik nog eentje?” 🙂  Het brengt ze in verwarring.

Ten tweede: als ze op een gegeven moment doorkrijgen dat ze “dank je wel” moeten zeggen, reageren ze voortaan op de automatische piloot. Ze geven een standaard antwoord op een standaard vraag. Dat wil nog niet zeggen dat ze zich bewust zijn van dat ze bedanken. En dat is zonde, want wat betekent het dan?

Ik weet uit mijn kindertijd nog dat er veel nadruk op lag. Dat maakte dat ik zo bezig was met de vraag of ik wel netjes genoeg bedankt had, dat ik helemaal niet kon voelen of ik eigenlijk wel blij was met wat ik kreeg. Dat is jammer, want het is toch fijn als een kind werkelijk dankbaarheid kan ervaren en uiten.

Sommige kinderen vinden het nog een beetje moeilijk, bijvoorbeeld omdat ze verlegen zijn. Dan maakt het feit dat er aandacht op komt te liggen het alleen maar moeilijker om de stap te zetten. Jij kunt het dan ook doen voor je kind. ‘Dat vindt ze vast lekker, dank u wel’.

En het allermeest leert je kind van jou. Van wat jij voorleeft. Hoe vaker jij de mensen om je heen vriendelijk bedankt, hoe meer hij dat zal overnemen. Vooral als je niet vergeet om ook je kind te bedanken. Als ze iets voor je gemaakt heeft bijvoorbeeld.

Maar ook bij hele kleine dingetjes, bijv. als hij je iets aangeeft. En als jij haar iets gevraagd hebt om te doen en ze doet het ook. “Wil je even opschuiven? Dan kan ik er beter bij”. En dan “dank je wel”. Het wordt een natuurlijke gewoonte, die je kind gemakkelijk van je overneemt.

Tenslotte kun je af en toe eens stilstaan bij dankbaarheid. Echt voelen dat je dankbaar bent, maakt gelukkig. Het geeft een warm gevoel. Je kunt met je kind eens om de beurt benoemen waar je blij mee bent, dankbaar voor bent. Je kunt het ook opschrijven in een mooi dankbaarheidslijstje en bewaren.

Wil je iets hebben waarmee je regelmatig dankbaarheid kunt oefenen, dan kun je een dankbaarheidstreng van kralen maken of kopen. Kijk voor inspiratie op www.dankbaar.org.

Vind je dit een leuke eye-opener? Deel het dan op de social media, dank je wel daarvoor!

Wil je iets opmerken of toevoegen? Ik lees hieronder graag je reactie.

1 2 3 19
>

Door de site te te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Privacyverklaring

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten