2 Valkuilen bij het gebruik van ik-boodschappen
Vandaag wil ik het weer eens met jullie hebben over de ik-boodschap. Ik heb er al vaker over geschreven. Het is een belangrijk onderdeel van een goede communicatie met je kind. Het kan je veel conflicten schelen als je hem goed gebruikt. Hoewel het principe van de ik-boodschap eenvoudig te begrijpen is, zijn er bij het gebruik ervan een paar valkuilen, die je beter kunt vermijden.
Een ik-boodschap is een manier om aan je kind duidelijk te maken dat je iets van je kind wilt. Je wilt dat je kind ergens mee stopt, iets niet doet of je wilt juist dat je kind iets wel doet. Het is belangrijk je te realiseren dat jij iets van je kind wilt. Je kind moet dat dus ook kunnen snappen.
Kinderen willen namelijk best graag meewerken, rekening met je houden. Maar daarvoor moeten ze zich met jou en jouw behoefte kunnen verbinden. Daarvoor is het nodig dat ze precies begrijpen wat je bedoelt en waarom het voor jou belangrijk is. Een goede ik-boodschap bevat dus ook deze beide elementen.
Een paar voorbeelden: “Ik wil graag dat je je jas en je schoenen aandoet, want ik wil niet te laat bij de dokter aankomen”, “ik wil graag dat je je fiets even binnen zet, want door de regen gaat ie roesten en dat zou ik echt zonde vinden”, “ik zou graag je kamer even willen stofzuigen, dat is al een tijdje niet meer gebeurt. Maar dat lukt zo niet met al die spullen op de grond, wil je dat even opruimen?”, “Ik ben vergeten brood te kopen, ik wil graag snel even heen en weer naar de winkel. Het zou fijn zijn als jij dan even op je zusje kunt passen en zorgt dat alles goed gaat en het gezellig is. Lukt dat denk je?”
Als je kind niet reageert kun je je boodschap kracht bijzetten door het woordje ‘echt’erbij te zeggen. “Lieverd ik wil ECHT dat je nú je schoenen en je jas aandoet, anders komen we te laat en dat zou ik echt heel vervelend vinden”.
Een ik-boodschap is een goed alternatief voor jij-boodschappen. Jij bood-schappen beginnen vaak met Jij of Je of staan in de gebiedende wijs. Je gebruikt ze vaker dan je denkt. Let maar eens op hoe vaak je een zin begint met Jij of Je. “Je moet je jas en je schoenen aandoen, want we moeten naar de dokter”, “Je moet je fiets nog binnenzetten”, enz.
Veel kinderen hebben (net als volwassenen) een hekel aan opdrachten en aan moeten. Probeer het woord moeten dan ook te vermijden, net als de gebiedende wijs: “Zet je fiets binnen”, “Doe je jas aan”, enz. In feite doe je met een goede ik-boodschap een beroep op hun behulpzaamheid en dat werkt doorgaans veel beter.
Een andere reden waarom jij-boodschappen vaak niet werken is dat ze nogal eens een oordeel bevatten. “Doe niet zo druk”, “Stop met klieren”, “Stel je niet zo aan”, “Je moet ook altijd je zin hebben”, enz., “
En wat is nu de grootste valkuil? Dat je denkt dat je een ik-boodschap geeft, maar dat je er toch een afwijzing in verwerkt. Let speciaal op als je een zin begint met “Ik vind…”. Meestal is dat een verborgen jij-boodschap. “Ik vind het vervelend, dat je je broertje slaat”, “Ik vind het niet leuk dat je je speelgoed niet hebt opgeruimd”, “Ik zou willen dat je wat aardiger tegen je tante deed”.
Mag er dan geen emotie in doorklinken? Zeker wel. Dat moet juist. De andere valkuil is namelijk dat je denkt dat je altijd vriendelijk, aardig en geduldig moet blijven. Je mag best wat fermere taal gebruiken, zodat je formulering past bij wat je voelt. “Ik raak echt geïrriteerd omdat je nu al een paar keer gezet hebt dat je het zult doen, maar je hebt het nog steeds niet gedaan”. En misschien kun je het nog iets duidelijker formuleren, wat is je irritatie precies? “Ik voel me niet serieus genomen. Het lijkt of je alleen maar toezegt om het te doen om van me af te zijn. Ik wil graag dat je me serieus neemt als ik je iets vraag, net als ik dat bij jou ook wil doen”.
Tenslotte: focus niet te veel op de precieze woorden. Je intentie is het belangrijkste. Ben je bereid te accepteren dat dingen voor je kind anders zijn en niet leuk zijn? Ben je bereid om open naar je kind te communiceren en het bij je eigen behoefte te houden? Dan zal dat zeker doorklinken in je woorden.
En omgekeerd werkt het ook zo. Dus je kunt een ik-boodschap ‘volgens het boekje’ formuleren, maar als je eigenlijk gewoon vindt dat je kind moet luisteren, kan het maar zo zijn dat het niet werkt 😉
PS. Goede ik-boodschappen worden gedragen door een open en accepterende houding naar je kind en versterkt door goed kunnen luisteren naar je kind. Wil je hierover meer weten en leren, dan is mijn onlineprogramma zeker interessant voor je.
Heb je hier wat aan? Helpt het je verder in de omgang met je kind? Geef hieronder je reactie en deel het artikel via de shareknop. Zo kunnen ook andere ouders er hun voordeel mee doen. Bedankt 🙂
Bedankt voor deze verduidelijking. Sinds ik je website gevonden heb, oefen ik ijverig op ik-boodschappen en het lukt me nog relatief goed ok:-)Dacht ik. Maar soms denk ik na een moeilijkere avond ‘deze mama vindt precies wel niet veel leuk’ (ik vind het niet leuk dat…ik vind het niet leuk dat;.) en het maakt hem precies niet al teveel uit ook niet. Ik zeg er meestal wel achter wat ik dan wel graag zou willen, maar het begin kan dus beter. Nu ben ik weer een beetje wijzer en vanaf nu probeer ik de ‘ik vind’ en het oordeelhoudende uit mijn ik-boodschappen te houden. Dus -> wat wil ik wél en waarom. Zo simpel is dat;-)bedankt!
Dat is fijn om te horen, Eline. Dan was mijn blog deze keer precies voor jou bedoeld dus 🙂
Dank je wel voor je reactie!