fbpx

Tag Archives forik-boodschap

Zo komt je boodschap wél aan

Kinderen zijn net mensen. Toch verlangen we regelmatig dingen van kinderen waar we zelf niet van houden. Gehoorzaamheid (zonder uitleg) bijvoorbeeld. We geven opdrachten: doe dit, doe dat, laat dat, hou daar mee op. Kinderen reageren met weerstand. Geen wonder dat we af en toe zelf de conflicten oproepen. Kan dat anders?

Jawel, dat kan anders, en moet eigenlijk ook anders. Voor iedereen is het van wezenlijk belang dat hij in zijn of haar waarde wordt gelaten. Je wilt als mens er mogen zijn, meetellen, je wilt dat er rekening met je gehouden wordt en dat je gewaardeerd wordt.

Dat is met kinderen precies zo. Ze willen erkend worden in hun behoeften, hun gevoelens en gewaardeerd worden. En natuurlijk willen we als ouder daar ook graag aan tegemoet komen. Alleen, in de drukte van het dagelijks leven met zijn vele verplichtingen vallen we vaak terug in een automatisme van eenzijdige communicatie naar de kinderen (doe dit, laat dat) , zoals we zelf zijn opgevoed en zoals de maatschappij nou eenmaal in het algemeen met kinderen omgaat.

Hoe doe je dat nu? Hoe zorg je dat je beter gehoord wordt, zonder weerstand op te roepen? Je hebt wellicht weleens gehoord of gelezen over het belang van ik-boodschappen. Het geven van ik-boodschappen wil zeggen dat je in je communicatie met je kind praat in Ik…. zinnen.

Je gebruikt ze als je iets van je kind wil. In plaats van commanderen (“stop daar mee”) of een jij-zin (“jij moet een beetje zuinig zijn met je spullen”), begin je met ik: “Ik ben bang dat de bank stuk gaat als je daar zo hard op staat te springen en ik wil hem graag nog een tijdje mooi houden”, “Ik ben aan het bellen, kun je wat zachter doen, anders kan ik oma niet verstaan”, “Ik wil graag op tijd bij de tandarts zijn en ik ben bang dat we te laat komen als je nu niet je jas aandoet”, enz.

Een goede ik-boodschap is dus specifiek (wat precies wil je graag) en vertelt iets over je behoefte en je gevoel. Hierdoor kan je kind zich in jou verplaatsen en je beter begrijpen.

Het werkt echt goed. Een jij-zin maakt dat je kind zich aangevallen voelt. Je geeft een oordeel, meestal een veroordeling. Een ik-zin geeft je kind de kans om rekening te houden met je behoeften. Maar het gaat niet vanzelf :).

Je zult merken dat het echt oefenen is. Je moet soms ook iets langer nadenken: wat is eigenlijk jouw behoefte, waarom wil je iets niet of juist wel graag? Waarom is het gedrag van je kind eigenlijk een probleem voor je?

Een valkuil is een valse ik boodschap, die in feite een verkapte jij-boodschap is: “Ik wil dat jij nu je kleren aan doet” is in feite een opdracht. Hetzelfde geldt voor “ik vind dat jij je nu moet aankleden”.  Dus alleen het woordje Ik aan het begin wil nog niet zeggen dat het ook een echte ik-boodschap wordt.

Door het bij jezelf te houden voorkom je weerstand. De moeite waard om eens te gaan oefenen. Het lukt niet altijd en het kan niet altijd. Je hebt niet altijd tijd voor zo’n gesprekje. Maar weet dan dat je er ook altijd later nog op deze manier met je kind over kan hebben. Blijf oefenen en waardeer jezelf voor je inzet. Succes!

PS Het leren geven van een ik-boodschap is één van de communicatievaardigheden, die je leert en oefent in mijn online programma  ‘Stap voor stap een gelukkig gezin’.  Lees hier wat het programma je nog meer leert, waardoor je in 4 tot 6 maanden een gelukkig gezinsleven kunt hebben!

3 Effectieve manieren om met je kind te communiceren

In mijn vorige blog beschreef ik veelgemaakte fouten in de communicatie met kinderen. Was jij net als anderen benieuwd wat dan de alternatieven zijn? Ik geef je hier 3 manieren van communiceren die wél effectief zijn (en meer respectvol naar je kind).

GEEF ERKENNING

 Doe je best om je kind te begrijpen. Ga in zijn schoenen staan, verplaats je in haar situatie. Probeer te snappen wat je kind beroert. En accepteer dat je kind iets anders ervaart dan jij zou willen of had gedacht. Wat voor jou een onbenulligheid is, kan voor je kind echt een obstakel zijn.

Laat ook merken dat je het begrijpt. “O lieverd, ik zie dat het helemaal niet lukt, wat vervelend voor je”, “Je bent écht boos, dat snap ik. Het is ook stom, dat ….” Of “Het spijt me zo, dat het niet anders kan. Ik snap heel goed dat je nu gefrustreerd bent”.  Om maar wat voorbeelden te geven.

Erkennen kan soms verbluffend goed werken. Toch is het geen trucje om je kind mee te krijgen in wat er aan de hand is. Het is daarom ook nodig dat je erkenning oprecht is en dat je accepteert dat je kind desondanks boos wordt of blijft. “Het is oké, wees maar even boos”.

Eerder schreef ik dit blog over het belang van erkennen.

LUISTER NAAR JE KIND

En daarmee bedoel ik écht luisteren. Dus vraag door. Nodig je kind uit om te vertellen. Wees nieuwsgierig in de goede zin van het woord. Parkeer je eigen mening of gedachte. En probeer te luisteren zonder oordeel. Zonder interpretatie vooraf.

Een kind wat zich gehoord voelt heeft meer ruimte om te horen wat jij wilt zeggen. Dus is het handig om eerst te luisteren naar hoe je kind iets ervaart, voordat je met je eigen behoefte of zorg komt.

Lees hier een uitgebreider blog over luisteren naar je kind

GEEF EEN IK-BOODSCHAP

Als jij iets van je kind wil, geef dan een duidelijke ik-boodschap. Een ik-boodschap is het tegenovergestelde van een jij-boodschap, zoals ik die in mijn vorige blog beschreef. Een jij-boodschap wordt gemakkelijk als een aanval gevoeld en roept daarom al snel verzet op. Of het bevat een opdracht en daar houd je kind niet van.

Met een ik-boodschap doe je een beroep op de behulpzaamheid van je kind. Je legt uit waar je last van hebt of wat je graag wil en waarom. Geef daarbij je gevoel weer. Het geeft je kind de kans om zich in jou te verplaatsen en zich met je te verbinden.

Voorbeelden van een ik-boodschap zijn “We moeten nu echt weg, want anders ben ik bang dat we te laat komen. En ik vind het erg vervelend om de logopediste te laten wachten als ze erop rekent dat wij er om 3 uur zijn” of “Ik wil graag naar je luisteren, maar dat lukt niet omdat ik met mijn hoofd in het werk zit. Als je even 5 minuutjes wacht heb ik deze mail af en kan ik naar je luisteren. Dan kom ik naar je toe” of “Als je je voetbaltas niet meteen uitpakt gaat het erg stinken in de schuur, dat vind ik echt naar. En bovendien ben ik bang dat je kleding bederft omdat het nu vochtig in je tas zit. Dus kunnen we afspreken dat je die meteen als je thuiskomt even uitpakt?”.

Meer over de ik-boodschap lees je hier

Vind je dit goede tips en wil je me helpen meer ouders te bereiken? Deel dit blog dan door op de social media buttons te klikken. Dank je wel! En laat hieronder weten wat jouw ervaringen zijn in de communicatie met je kind. Ik hoor graag van je 🙂

Hoe je uit het negatieve patroon met je kind komt (deel 2)

In het vorige artikel Hoe je uit het negatieve patroon met je kind komt,  schreef ik over het belang van zelfonderzoek. Als je ziet wat je triggert in het gedrag van je kind, begrijp je waarom je steeds in hetzelfde patroon van boos of straffen terecht komt. In dit artikel lees je hoe je vervolgens uit het patroon stapt.

Ten eerste moet je herkennen, dat je in zo’n patroon terecht dreigt te komen. Dat herken je aan gedachten als “daar gaan we weer”, “o jee, nou zal hij wel weer…”, “dat kind is ook altijd zo …..”. Het zijn meestal gedachten met de woorden ‘weer’ of ‘altijd’ erin, of gedachten gericht op dat het er niet mag zijn. “dit moet nu eens een keer afgelopen zijn”, “het moet nu echt stoppen”. Als je dergelijke gedachten hebt, ben je al niet meer open.

Herken je dat dit gaande is? Dan is het advies: doe even niets. (Tenzij er sprake is van een gevaarlijke situatie, dan moet je natuurlijk altijd ingrijpen.) Reageren vanuit je emotie is zinloos, je weet al wat het oplevert. Om iets nieuws te doen, kun je beginnen met niets doen. Word in jezelf gewaar wat er gebeurt. Als je je eigen emotie de kans geeft om zich te roeren, zonder direct in actie te komen, zal het rustiger worden in jezelf.

Je zult ontdekken wat je stoort en wat je graag wilt. Het wordt helder waar het over gaat. Er komt ruimte voor een andere reactie, dan je tot nu toe deed. Je stapt als het ware uit de blikvernauwing die je hebt als je emotie de boventoon voert. De kans, dat je ziet wat er werkelijk nodig is, is nu veel groter.

Nu kun je communiceren vanuit een ik-boodschap. Je geeft aan wat je boos maakt en waarom. En, heel belangrijk, wat je van je kind verwacht. “Het maakt me zo boos, als ik zie dat je weer met de voetbal in de kamer speelt. Ik ben bang dat je dan per ongeluk dingen stuk maakt. Een voetbal hoort niet in de kamer. Ik heb geen zin om de bal af te pakken of weg te doen. Ik wil gewoon dat jij ervoor zorgt dat je niet meer in de kamer voetbalt. Ga anders naar buiten of bedenk iets wat wel in de kamer kan”.

Laat je kind de natuurlijke consequenties van zijn gedrag ervaren.  Als hij met zijn gedrag anderen tot last is, of schade berokkent, kun je hem helpen om zijn gedrag aan te passen. Bijvoorbeeld de rommel opruimen, iets wat hij kapot heeft gemaakt vervangen, sorry zeggen en vragen hoe hij het goed kan maken.

Bedenk samen met je kind alternatieven voor ongewenst gedrag. Als hij boos is, wat kan hij dan wel doen om zijn boosheid te uiten? Hoe kan je kind in bepaalde situaties voorkomen dat hij boos wordt? Als hij met iets wil spelen waar een ander mee speelt, wat kan hij dan doen? Als hij ongeduldig wordt als jij aan de telefoon bent, wat dan? Enz.

De tijd nemen om je eigen emoties te herkennen geeft je ook ruimte om geduldiger te zijn. Elk kind vindt sommige situaties lastig. Bijvoorbeeld samen spelen met andere kinderen. Als jij in jezelf herkent, dat jij dat op jouw beurt weer lastig vindt om te zien, kun je je eigen gevoelens losmaken van wat je kind doet. Je kunt je kind dan helpen nieuw gedrag te leren zonder dat jouw emoties daarbij in de weg zitten.

Vind je dit artikel zinvol voor andere ouders? Deel het dan via de shareknop, dank je wel. Ook ben ik benieuwd naar jouw reactie, die lees ik graag hieronder.

2 Valkuilen bij het gebruik van ik-boodschappen

Vandaag wil ik het weer eens met jullie hebben over de ik-boodschap. Ik heb er al vaker over geschreven. Het is een belangrijk onderdeel van een goede communicatie met je kind. Het kan je veel conflicten schelen als je hem goed gebruikt. Hoewel het principe van de ik-boodschap eenvoudig te begrijpen is, zijn er bij het gebruik ervan een paar valkuilen, die je beter kunt vermijden.

 

Een ik-boodschap is een manier om aan je kind duidelijk te maken dat je iets van je kind wilt. Je wilt dat je kind ergens mee stopt, iets niet doet of je wilt juist dat je kind iets wel doet. Het is belangrijk je te realiseren dat jij iets van je kind wilt. Je kind moet dat dus ook kunnen snappen.

Kinderen willen namelijk best graag meewerken, rekening met je houden. Maar daarvoor moeten ze zich met jou en jouw behoefte kunnen verbinden. Daarvoor is het nodig dat ze precies begrijpen wat je bedoelt en waarom het voor jou belangrijk is. Een goede ik-boodschap bevat dus ook deze beide elementen.

Een paar voorbeelden: “Ik wil graag dat je je jas en je schoenen aandoet, want ik wil niet te laat bij de dokter aankomen”, “ik wil graag dat je je fiets even binnen zet, want door de regen gaat ie roesten en dat zou ik echt zonde vinden”, “ik zou graag je kamer even willen stofzuigen, dat is al een tijdje niet meer gebeurt. Maar dat lukt zo niet met al die spullen op de grond, wil je dat even opruimen?”, “Ik ben vergeten brood te kopen, ik wil graag snel even heen en weer naar de winkel. Het zou fijn zijn als jij dan even op je zusje kunt passen en zorgt dat alles goed gaat en het gezellig is. Lukt dat denk je?”

Als je kind niet reageert kun je je boodschap kracht bijzetten door het woordje ‘echt’erbij te zeggen. “Lieverd ik wil ECHT dat je nú je schoenen en je jas aandoet, anders komen we te laat en dat zou ik echt heel vervelend vinden”.

Een ik-boodschap is een goed alternatief voor jij-boodschappen. Jij bood-schappen beginnen vaak met Jij of Je of staan in de gebiedende wijs. Je gebruikt ze vaker dan je denkt. Let maar eens op hoe vaak je een zin begint met Jij of Je. “Je moet je jas en je schoenen aandoen, want we moeten naar de dokter”, “Je moet je fiets nog binnenzetten”, enz.

Veel kinderen hebben (net als volwassenen) een hekel aan opdrachten en aan moeten. Probeer het woord moeten dan ook te vermijden, net als de gebiedende wijs: “Zet je fiets binnen”, “Doe je jas aan”, enz. In feite doe je met een goede ik-boodschap een beroep op hun behulpzaamheid en dat werkt doorgaans veel beter.

Een andere reden waarom jij-boodschappen vaak niet werken is dat ze nogal eens een oordeel bevatten. “Doe niet zo druk”, “Stop met klieren”, “Stel je niet zo aan”, “Je moet ook altijd je zin hebben”, enz., “

En wat is nu de grootste valkuil? Dat je denkt dat je een ik-boodschap geeft, maar dat je er toch een afwijzing in verwerkt. Let speciaal op als je een zin begint met “Ik vind…”. Meestal is dat een verborgen jij-boodschap. “Ik vind het vervelend, dat je je broertje slaat”, “Ik vind het niet leuk dat je je speelgoed niet hebt opgeruimd”, “Ik zou willen dat je wat aardiger tegen je tante deed”.

Mag er dan geen emotie in doorklinken? Zeker wel. Dat moet juist. De andere valkuil is namelijk dat je denkt dat je altijd vriendelijk, aardig en geduldig moet blijven. Je mag best wat fermere taal gebruiken, zodat je formulering past bij wat je voelt. “Ik raak echt geïrriteerd omdat je nu al een paar keer gezet hebt dat je het zult doen, maar je hebt het nog steeds niet gedaan”. En misschien kun je het nog iets duidelijker formuleren, wat is je irritatie precies? “Ik voel me niet serieus genomen. Het lijkt of je alleen maar toezegt om het te doen om van me af te zijn. Ik wil graag dat je me serieus neemt als ik je iets vraag, net als ik dat bij jou ook wil doen”.

Tenslotte: focus niet te veel op de precieze woorden. Je intentie is het belangrijkste. Ben je bereid te accepteren dat dingen voor je kind anders zijn en niet leuk zijn? Ben je bereid om open naar je kind te communiceren en het bij je eigen behoefte te houden? Dan zal dat zeker doorklinken in je woorden.

En omgekeerd werkt het ook zo. Dus je kunt een ik-boodschap ‘volgens het boekje’ formuleren, maar als je eigenlijk gewoon vindt dat je kind moet luisteren, kan het maar zo zijn dat het niet werkt 😉

PS. Goede ik-boodschappen worden gedragen door een open en accepterende houding naar je kind en versterkt door goed kunnen luisteren naar je kind. Wil je hierover meer weten en leren, dan is mijn onlineprogramma zeker interessant voor je.

Heb je hier wat aan? Helpt het je verder in de omgang met je kind? Geef hieronder je reactie en deel het artikel via de shareknop. Zo kunnen ook andere ouders er hun voordeel mee doen. Bedankt 🙂

 

 

>

Door de site te te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Privacyverklaring

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten