Ik krijg regelmatig vragen van ouders over de situatie dat het kind niet naar school wil. Soms begint het al bij het opstaan, soms lijkt het kind opeens te blokkeren als het zover is dat je afscheid neemt op school of opvang. Wat kun je nu het beste doen?
Het kan je als ouder best onzeker maken als je kind in de weerstand gaat. Zeker als je kind letterlijk losgeplukt moet worden van jou. Want je wilt graag dat je kind zich oké voelt en veilig en op haar gemak. Logisch. Toch hoef je je er in de meeste gevallen niet druk over te maken.
Om te beginnen is het altijd goed om te checken of er niet echt iets aan de hand is. Voelt je kind zich echt onveilig, dan moet daar iets aan gebeuren natuurlijk. Maar meestal blijkt dat je kind zich na het afscheid gewoon aan de situatie overgeeft, en verder een prima dag heeft. Maar altijd goed om even te checken natuurlijk.
Je kunt je kind heel goed uitleggen dat dit erbij hoort. Veel mensen hebben dat, ook volwassenen. Even zo’n gevoel van ‘ik wil niet of ‘ik vind het spannend’. Dat is niet erg. Het is niet erg om je even niet zo fijn te voelen, dat gaat vanzelf weer over.
Erkennen heeft zin. ‘Je wilt liever thuisblijven, dat is niet erg. Het is gewoon even spannend, he. Dan krijg je kriebels in je buik’. Erkennen maakt dat je kind zich begrepen voelt. Én het geeft woorden aan wat je kind voelt.
Vervolgens kun je uitleggen, dat het overgaat. ‘Je moet gewoon heel eventjes wennen, dat is niet erg. En als je gewend bent, dan wordt het vanzelf weer gewoon en gaan de kriebels weg. Gaat helemaal vanzelf’.
Dus wat je doet, is dat je het niet wegpoetst, je erkent het. Het is er, en dat is niet erg. Én: je biedt perspectief. Nu voel je je eventjes zo, maar straks gaat het vanzelf over.
Wat ook helpt om je kind de drempel over te helpen, is een vast ritueel. Twee kusjes, heel hard zwaaien, bijv. Of kijken wie het hardst kan zwaaien, hoorde ik laatst 😊 Wat ook goed kan werken, is je kind letterlijk overdragen aan de juf of leidster. Zodat je kind ervaart dat de veiligheid van de ouder overgaat in de handen van de juf.
Het belangrijkste is eigenlijk dat jij beseft dat het niet erg is en dat het overgaat. Dat het niet weghoeft. Dat je gewoon kunt zijn met wat is. Het is namelijk niet erg. Vanuit die houding bied je veiligheid en door een duidelijk ritueel bied je houvast.
Blijf dit regelmatig herhalen. Desnoods elke ochtend weer even vertellen hoe het zal gaan. Ook al denk je dat je kind het allang weet, toch heeft ze er baat bij. Laatst hoorde ik van een moeder, dat ze het ’s ochtends een paar keer herhaalt, bij het ontbijt, bij het vertrekken thuis, onderweg en als ze er bijna zijn. Het werkte wonderbaarlijk goed, het drama rond het afscheid nemen verdween.
Je hebt het vast weleens bij mij gelezen, het advies om in gesprek te gaan met je kind. Want het is immers de bedoeling dat jij je kind gaat helpen in plaats van te corrigeren. Daarvoor moet je weten wat er precies gebeurde. Maar dat in gesprek gaan is best lastig, zo blijkt.
Wat er zo maar kan gebeuren, is dat je kind opnieuw boos wordt, zodra je het onderwerp aanroert. En misschien is dat wel niet zo gek. Niemand wil graag terugkijken op iets wat niet leuk was. Liever vergeet je wat er gebeurd is, toch?
Het kan ook zijn dat je kind er niet graag aan terugdenkt, omdat hij ook wel weet dat hij te ver is gegaan. Misschien schaamt hij of zij zich wel. Pittige kinderen leggen de lat voor zichzelf vaak hoog. Ook als het gaat om dit soort dingen vinden ze het moeilijk om hun eigen gedrag onder ogen te komen.
Dat is, denk ik, ook de reden dat ze de schuld vaak bij een ander leggen. Omdat het te confronterend is, te pijnlijk voelt, om te erkennen dat ze zelf iets hebben gedaan dat niet zo fijn was.
Overigens geloof ik niet in schuld. Want ook al lijkt het zo, op een dieper niveau is een kind altijd onschuldig (wij overigens ook). Er is altijd een reden waardoor je kind doet zoals ze doet.
Wat ook mee speelt bij de weerstand om te praten, is dat je kind waarschijnlijk bang is om op zijn kop te krijgen. Want vergeet niet dat kinderen gewend zijn dat dit gebeurd in een nagesprek met volwassenen. Ze krijgen te horen wat ze fout hebben gedaan. Logisch dus ook dat je kind daar geen trek in heeft.
Om toch met je kind in gesprek te komen, moet je daar dus rekening mee houden. Het kind moet gerustgesteld worden, weten wat het doel van het gesprek is (dus geen standje of verwijt). En horen dat iedereen dingen doet waarvan je achteraf denkt ‘oeps, niet zo handig’. Dat is normaal menselijk.
Dus vooral in het begin als je start met dit soort gesprekken, is er zorgvuldig voorwerk nodig. Om te zorgen dat je zo ver komt, dat je in gesprek kunt gaan. Dat vraagt aandacht en zorg. En een open houding, waarbij je zelf ook (weer) rustig bent.
Maar het is zeker de moeite waard. En het mooie is, hoe vaker je dit doet, hoe meer je kind eraan went. Op een gegeven moment kan het zo zijn, dat hij of zij zelf aangeeft iets te willen bespreken. Hoe waardevol is dat.
Door in gesprek te gaan, kom je samen met je kind tot oplossingen voor terugkerende situaties. Waardoor er minder conflicten ontstaan. Maar daarnaast verbetert de relatie met je kind, er is meer verbinding. Meer verdraagzaamheid en meer openheid. En ook dat leidt weer tot minder aanvaringen.
Wil jij ook graag vaker en beter in gesprek komen met je kind? In de online module Het oplossingsgerichte gesprek ontdek je precies hoe je dit voor elkaar krijgt. Inclusief stappenplan dat je als reminder tijdens het gesprek erbij kunt hebben.
Ik hoor graag van je wat jouw ervaringen zijn. Ook fijn als je dit blog voor me wilt delen, dank je wel!
Voor veel ouders is het geven van een complimentje een vast onderdeel van het opvoeden. Maar regelmatig hoor ik dat het bij hun pittige kind niet werkt, eerder averechts lijkt te werken. Hoe komt dat en zijn er alternatieven?
Natuurlijk gaf ik, net als andere ouders, ook complimentjes aan mijn kind. Maar ik kan me nog goed herinneren dat het bij mijn pittige kind vaak verkeerd uitpakte. Het leek eerder een uitnodiging om negatief gedrag te laten zien.
Ik heb me vaak afgevraagd wat daar nu gebeurde. En ik denk dat het wellicht te maken heeft met de behoefte van een pittig kind om autonoom te zijn, om zelf de regie te hebben.
Als je vader of moeder dan zegt dat je iets goed gedaan hebt, dan zegt hij of zij dus iets over jou. Die heeft dan kennelijk de positie om over jou te oordelen. En daar houdt een pittig kind niet van.
Dus zeg jij dat iets goed gedaan is, of goed gaat? Wees dan niet verbaasd als je kind vervolgens kennelijk wil laten zien dat dat helemaal niet waar is.
Nu ik dit zo opschrijf, bedenk ik mij ook dat het klopt. Want sommige complimenten zijn voor ons volwassenen best prettig. Maar als een ander je vertelt dat je je goed gedragen hebt, dat zou best gek zijn. Hoezo bepaalt die ander dat? Zo ervaart een pittig kind het ook, hij of zij wil serieus genomen worden.
Er kan echter ook iets anders aan de hand zijn. Zo besprak ik laatst met een ouder dat een compliment bij haar kind angst leek op te roepen. Angst om het daarna fout te doen. Want misschien lukt dat wat nu goed ging, een andere keer wel niet. Ongemak, dat ook weer kan leiden tot een negatieve reactie na het compliment.
Dat klopt dan weer met de theorie van de fixed mindset. Complimenten kunnen voor een fixed mindset zorgen. Dat betekent dat wie je bent en wat je kunt vastligt. In tegenstelling tot de growth mindset, waarbij een kind weet dat er dingen te leren vallen. Wat nu niet lukt, kan een volgende keer wel lukken.
Het geven van (teveel) complimenten is sowieso niet bevorderlijk voor de innerlijke motivatie van een kind. Het gaat dingen doen die de volwassen graag zien, in plaats van waar ze zelf gemotiveerd voor zijn. Een kind kan ook onzeker worden van teveel complimenten, want wat betekent het als een compliment uitblijft? Heb je het dan niet goed gedaan?
Gelukkig zijn er alternatieven. Je hoeft niet niks te zeggen. Je kunt je kind ook positieve feedback geven zonder dat je een compliment geeft.
Je kunt bijvoorbeeld je eigen gevoel over een situatie delen: “Wat fijn dat je al zelf je pyjama hebt aangedaan. Nu hebben we tijd om lekker veel verhaaltjes te lezen”. Of “ik werd helemaal blij toen ik zag dat je je kleine broertje hielp op het klimrek”.
Daarnaast is het goed om alleen een situatie te beschrijven, zonder oordeel. Bijvoorbeeld “ik zag dat je heel hard geoefend hebt” of “je hebt je kamer helemaal opgeruimd”. Zodat je kind zelf de conclusie kan trekken dat hij iets goed kan.
In het bekende boekje How2talk2kids noemen ze dat ‘effectief prijzen’. Ondanks het gebruik van het woord ‘prijzen’, wat ik zelf toch weer een oordeel vind, vind ik het wel een mooie aanpak.
Herken jij dit bij je kind? En helpt het dan om het anders te doen? Laat het weten, ik lees het graag. Ook fijn als je het artikel voor me wilt delen, dank je wel!
Als je je kind meer zelf de verantwoordelijkheid laat hebben, sla je twee vliegen in één klap. Je kunt zelf meer achteroverleunen. En je kind krijgt meer eigen regie, precies waar hij of zij bij gedijt.
Wat ik vaak zie bij ouders van pittige kinderen, is dat ze hard aan het werk zijn om te zorgen dat hun kind doet wat er gedaan moet worden. Veel ouders zien op tegen een boze bui en proberen dat zoveel mogelijk te voorkomen.
Hoe begrijpelijk ook, het werkt averechts. Want het leidt ertoe dat je je kind teveel op zijn nek zit. Zeker bijvoorbeeld in de ochtend. Een kind kan zich dan opgejaagd gaan voelen en zet de hakken juist in het zand.
Maar sowieso houden pittige kinderen er niet van om gestuurd te worden in het moment. Ze willen niet dat jij de baas bent. Ze willen zelf bepalen. Als jij a wilt, willen zij b. Alleen omdat jij iets wil, willen zij het niet.
De kunst is dus om zo min mogelijk iets van je kind gedaan te willen hebben. De oplossing daarvoor is: geef je kind zijn of haar eigen verantwoordelijkheid (terug). Ook bij jonge kinderen kan dat.
Zorg voor duidelijkheid en structuur. Bijvoorbeeld als het over de ochtend gaat: wat moet er allemaal gebeuren voordat je kind de deur uit kan? Structureer het met je kind in de tijd, koppel het aan de (wijzers van) de klok. Of gebruik een timer.
Vervolgens is het aan je kind om te zorgen dat ze op tijd klaar is. En als dat niet gelukt is, dan zijn de gevolgen ook voor haar. Dan komt ze bijvoorbeeld te laat op school. Of gaat hij op sokken de deur uit.
Voor veel kinderen werkt dit een stuk beter. Want ze willen wel doen wat er moet gebeuren. Maar niet als jij het van hen verlangt. Maar biedt duidelijkheid en laat het verder aan henzelf. Dan zul je zien dat het heel vaak wel goed komt.
Daar komt bij, dat jij je niet meer druk hoeft te maken. Je kunt rustig je eigen ding doen. Aanwezig zijn, zonder spanning in te brengen. Want je hoeft niet bang te zijn dat iets niet lukt. Het is niet erg als je kind te laat komt.
Pittige kinderen leren nu eenmaal het meest door ondervinding. Waarschuwen helpt echt niet. Dat geeft alleen maar irritatie. Natuurlijk is het handig om soms eventuele consequenties, die je kind nog niet ziet aankomen, te vertellen. Maar meer is niet nodig.
Zo sla je twee vliegen in één klap. Er komt veel meer rust, je laat het leven gaan zoals het gaat. Je maakt je niet druk. En tegelijkertijd is de kans veel groter dat het wél goed gaat. Ook al moet het daarvoor misschien een paar keer misgaan. Als het eenmaal geleerd is, is het voor lange tijd geregeld.
En dat scheelt enorm veel energie én maakt de sfeer veel beter. Dus maak jezelf niet langer verantwoordelijk voor wat er van je kind verwacht wordt. Laat die verantwoordelijkheid daar waar het hoort. Voor iedereen veel beter 🙂
Spreekt dit je aan? Download dan de gratis handleiding, waarin ik je nog meer tips geef. Je ontvangt dan ook mijn tweewekelijkse mail met nieuwe opvoedtips.
Ook fijn als je dit blog wilt delen op social media, dan hebben ook andere ouders er profijt van. Dank je wel alvast! En zoals altijd lees ik graag je reactie hieronder.
Vrede op aarde, zongen we. Dat is wat we wensen, maar dat is nog niet zo eenvoudig. Het tegendeel lijkt te gebeuren in de wereld. En helaas hebben wij weinig invloed op. Maar we kunnen wel klein beginnen met vrede in ons eigen huis en onze eigen omgeving.
Oorlog kan ontstaan als de ene groep zich tegenover de andere plaatst of geplaatst ziet. Het wij-zij denken. Wij-zij denken is altijd een bedreiging voor de vrede. Echte vrede kan pas ontstaan als we inzien dat we allemaal bij elkaar horen, dat we elkaar nodig hebben. En eigenlijk ook, dat we inzien dat we niet wezenlijk verschillen van elkaar.
In je eigen gezin is er misschien geen wij-zij. Maar vaak wel ik-jij. En ik-jij denken geeft ook strijd. Want dan zijn er belangen te verdedigen. En kun je gekwetst worden omdat je denkt dat de ander zich boven jou plaatst.
Ik-jij denken klinkt misschien wat zwaar. Maar op een bepaalde manier sluipt het er toch gemakkelijk in. Bijvoorbeeld de momenten waarop we als ouder niet echt luisteren naar ons kind. Of onze macht gebruiken om onze zin door te zetten. Het kind ervaart dan dat het voor zijn eigen behoeftes niet als vanzelf op ons kan vertrouwen.
Een ander voorbeeld. Ruzies tussen kinderen zijn normaal. Als ouder kun je echter gemakkelijk in de valkuil stappen dat jij als scheidsrechter moet oordelen hoe het opgelost wordt. Niet doen. Er is altijd een kind blij en een kind boos. Voor de kinderen is dat ook een ik-jij ervaring. Rivaliteit wordt in de hand gewerkt.
Vrede kan bloeien als er saamhorigheid is. Als we ons met elkaar verantwoordelijk voor elkaar voelen. Als we de behoefte van een ander evenzeer respecteren als die van onszelf. Dat creëert verbondenheid. Begin met vrede in je eigen gezin en zet in op verbinding.
Hoe doe je dat in praktijk? In de eerste plaats door goed te luisteren en de behoefte van (ieder) kind en van jezelf serieus te nemen. In de tweede plaats door het uitgangspunt te hanteren dat ieder zijn eigen waarheid heeft. Er is niet zoiets als dé waarheid. Ieder heeft zijn eigen mening en beleving, respecteer dat.
Zo kun je zorgen dat iedereen zich erkend voelt. En als er conflicterende behoeftes zijn, zoek dan zoveel mogelijk naar oplossingen die voor iedereen aanvaardbaar zijn. Alleen al door dit als uitgangspunt te nemen bevorder je de verbondenheid. Samen verantwoordelijkheid voor elkaar, daar gaat het om.
Daarbij hoort ook niet (ver)oordelen. Respecteren kan alleen als je niet veroordeelt. Daarin ben je een voorbeeld voor je kind. Ook als je over andere mensen of andere groepen praat. Wees je dus bewust van wat je denkt en zegt. Respect leer je niet door erover te praten, maar door het voor te leven.
Een mooie tweeslag eigenlijk. Op deze manier zorg je én voor meer vrede en rust in je eigen gezin én leer je je kind hoe hij op een respectvolle manier met anderen kan samenleven. Zo lever je straks echte vredelievende burgers af 🙂
Vrede op aarde!
Vind je deze woorden de moeite waard? Fijn als je ze wilt delen. Ook lees ik graag je reactie. Alvast bedankt!
Corrigeren, ingrijpen, straffen. Iedere ouders kent deze acties. Vaak denk je ook dat het je taak is als ouder. Maar er is een onderliggende reden waarom je doet wat je doet, die helemaal niet zoveel met je kind te maken heeft. Maar meer met jouzelf.
Stel, een kind doet iets dat jij niet wilt. Je zegt hem of haar ermee te stoppen. Maar je kind wordt boos en gaat schelden. Grote kans, dat jij dit niet acceptabel vindt. Je zegt er wat van. “Ik wil niet dat je zo tegen me praat’. Maar je kind gaat door.
Waarschijnlijk raak je geïrriteerd of zelfs gefrustreerd. Je probeert je kind te dwingen om ermee te stoppen. Als dat niet lukt, stuur je je kind weg. Of je gaat dreigen met een straf. ‘Als je nu niet stopt, mag je vandaan niet meer op de iPad’. Zoiets.
Soms helpt dat, soms niet. Maar in beide gevallen heb je eigenlijk niks bereikt. Want wat heb je eigenlijk bereikt als je kind eindelijk toegeeft en gehoorzaamt?
Dat je je kind jouw wil hebt kunnen opleggen. Dat je de uiteindelijk toch de baas bent gebleven. Dat is alles. Maar voor de toekomst betekent het eigenlijk niks. Je kind heeft er niks van geleerd, en jij ook niet.
En in het slechtste geval heb je ook dat niet bereikt. Is het geëindigd in een enorme escalatie, waarbij niet alleen je kind, maar ook jij uit je dak bent gegaan.
Laten we eerlijk zijn, eigenlijk is je ingrijpen alleen maar bedoeld om jouzelf het gevoel te geven, dat je iets doet. Dat je het ‘niet over je kant laat gaan’. Dat je kind er niet zomaar ‘mee weg komt’. Het is puur het in stand houden van de illusie dat je macht hebt. Om de machteloosheid niet te voelen.
Want het gevoel dat je geen controle hebt, dat je geen grip hebt op je kind is eigenlijk ondraaglijk. Wat ben je dan eigenlijk voor ouder, als je dat niet voor elkaar krijgt. Er ligt een diepe angst aan ten grondslag voor totale machteloosheid. Er niet toedoen. Genegeerd worden.
Dat is een diepe angst die iedereen heeft, of je je er nu wel of niet bewust van bent. En die angst drijft ons om de schijn op te houden dat we de boel onder controle hebben. Zeker als het over opvoeden gaat, want hee, het kan toch niet zo zijn, dat een kind jou de baas is.
Een pittig kind is wat dit betreft een enorme uitdaging. Het triggert door zijn sterke wil en dwingende gedrag voortdurend deze onbewuste angst. ‘Helaas’, wilde ik er eerst bij typen. Maar eigenlijk moet dat zijn ‘gelukkig’.
Want een pittig kind opvoeden is een fantastisch aanleiding om dit soort mechanismes in jezelf onder ogen te komen. Je kunt leren om daar mee te dealen. Dat maakt je sterker en vrijer. Je kunt stoppen met het inzetten van je macht, maar mag gaan opvoeden vanuit verbinding.
Als je eerlijk bent, herken je dit dan bij jezelf? Je kunt het hieronder laten weten, ik hoor het graag. En delen is fijn, dan bereiken we meer ouders, dank je wel.
We kunnen opvoeden heel ingewikkeld maken. En dat gebeurt ook heel veel. Maar het is helemaal niet nodig. Laten we het simpel houden.
Er zijn veel (impliciete) ideeën over opvoeden. Je moet zus doen als ouder, of juist zo. Er is goed en er is fout. En je wilt graag een goede ouder zijn, maar ben je dat wel?
Er komt heel veel denken bij kijken. En er zijn veel gedachten. En veel concepten. Over kinderen die grenzen nodig hebben, de hele hand nemen als je ze een vinger geeft. Over helicopterouders, curlingouders, en noem maar op.
Maar het is zoveel simpeler dan dat. Opvoeden is naar mijn idee niets anders dan dat je samenleeft met je kind(eren). En in die interactie gebeurt van alles. Zoals er altijd van alles gebeurt in het leven.
Maar de meeste dingen die gebeuren, daar hoef je niks mee. Dat denk je alleen maar. En vervolgens zeg je dat dan ook. Je zegt wat je goed vindt (complimentje, want dat moet ook), wat je fout vindt (tegenwoordig noemen we dat ‘niet oké’) en wat je kind wel moet doen of waar zij juist mee moet stoppen.
En nog afgezien van dat dit natuurlijk totaal averechts werkt bij een pittig kind, is het helemaal niet nodig. Het leven gaat vanzelf, niks bijzonders. Vervolgens komen er dan gedachten op, ook helemaal vanzelf. We vinden ergens iets van. Ook niet erg.
Maar kennelijk vinden we het nodig om in het geval van (ons) kind die gedachten ook te uiten. Maar waarom? Wat heeft je kind eraan te weten dat jij liever iets anders had zien gebeuren in je fantasie? Behalve dan de mogelijkheid om te denken ‘ik heb iets fout gedaan’?
Overigens betekent dat niet, dat je nooit iets wil uitleggen. Natuurlijk doe je dat ook. Maar we praten veel vaker tegen ons kind aan, dan nodig is. Want als je het eenmaal hebt uitgelegd, dan weten ze het wel.
Je hoeft je dus minder te bemoeien met je kind dan je denkt. Alleen als het gaat om veiligheid en gezondheid, heb je een specifieke verantwoordelijkheid. Want anders zou je kind ook wel het huis uit kunnen zodra hij een boterham kan smeren en de wasmachine kan aanzetten, bij wijze van spreken.
Maar vaak is dat ook iets van gezond verstand. Als je kind de weg op wil rennen, hou je hem tegen. Je laat je kind niet met lucifers spelen zonder dat jij erbij bent. Je zorgt dat je kind genoeg gezonde voeding krijgt en voldoende slaap (voor zover je dat in de hand hebt, dan 😊)
En je grijpt in als een kind dingen doet, die een ander of spullen beschadigen. Bijvoorbeeld als een ouder kind een klein kind pijn doet of anderszins dwars zit. Gewoon omdat het je taak is om de jongste te beschermen. Omdat je niet iets moet verwachten van de oudste wat er (nog niet) in zit.
Of als je kind jou pijn doet, ook dat komt voor. Natuurlijk wil je dat niet en laat je dat je kind weten. Pak je je kind vast als het nodig is, of loop je weg.
Maar dat kan ook zonder emoties en verhalen over wat er allemaal mis is met je kind. Dat scheelt veel frustratie in jezelf. Let wel, ik zeg niet dat het niet mag. Want ook dat gebeurt. Maar zien dat het niet nodig is, maakt het wel veel lichter.
Dan kun je een hoop denken over jezelf en over je kind achterwege laten. Zo blijft er veel meer tijd, energie en ruimte over om te genieten van alles wat er in het leven te beleven valt.
Overigens is het daarnaast ook nuttig dat je je kind zoveel mogelijk duidelijkheid verschaft, zeker als je een pittig kind hebt. Dus zorg je voor heldere kaders en duidelijke afspraken. Daarover een volgende keer meer.
Vind je dit blog verhelderend, inspirerend of ben je het er helemaal niet mee eens? Laat het weten, ik hoor graag van je. En delen is fijn! Dank je wel alvast.
Er zijn nogal wat ouders, die opzien tegen de decembermaand. Omdat hun (pittige) kind overprikkeld raakt door spanning, die Sinterklaas met zich meebrengt en door allerhande activiteiten die, ook op school, het normale ritme doorbreken. Ik kan dat niet helemaal wegnemen, maar ik heb wel tips voor je.
Vertel het ware verhaal van Sinterklaas
Er is niets op tegen om je kind uit te leggen dat het sinterklaasfeest eigenlijk een spel is. Er zijn ouders, die dat sowieso doen, omdat ze het niet prettig vinden om hun kind voor de gek te houden. En daar kan ik me wel iets bij voorstellen.
Want voor wie doen we dat eigenlijk, het geloof in stand houden? Ik denk dat het voor kinderen niets uitmaakt. Zij kunnen beter dan wij in een spel opgaan, en dan is het ook ‘echt’.
Beperk de festiviteiten
Vier één keer, op één plek Sinterklaas (afgezien van school). Nodig familie bij jouzelf uit i.p.v. het nog een keer apart te vieren. Misschien besluit je wel om niet naar de intocht te gaan. En misschien wel, omdat je kind het zo graag wil.
Geef duidelijkheid vooraf.
En als je dan gaat, bereid je kind voor op wat er zal gebeuren. Weten wat je kind kan verwachten, kan helpen. En hou er rekening mee, dat je kind daarna wellicht extra prikkelbaar is. Als je jezelf daar op voorbereidt, scheelt dat ook al weer.
Geef duidelijkheid over de cadeautjes
Eén van de dingen die veel spanning geven, is wat je kind zal krijgen. Je kunt daar op verschillende manieren mee omgaan. Sommige ouders vertellen van te voren wat hun kind zal krijgen, of laten het zien. Je kunt het zelfs samen met je kind gaan kopen. Of wat sommige ouders doen: het cadeau niet verpakken, of in transparante folie.
Maak een afspraak over wanneer je kind een schoen mag zetten en zorg dan ook dat er een kleinigheid in zit. Sommige kinderen worden van de spanning veel te vroeg wakker. Je kunt dan bijvoorbeeld altijd alleen wat pepernoten of snoepgoed erin doen en geen cadeautjes, en dat van tevoren vertellen aan je kind.
Vermijd het Sinterklaasjournaal
Dit is lastig, dat weet ik. Maar ik weet ook, dat er scholen zijn, die er niet gezamenlijk naar kijken en er verder geen aandacht aan besteden op school. Je kunt altijd vragen aan het team of aan de MR of dat op de school van jou kind ook mogelijk is.
Help je kind met de surprise
In de bovenbouw van de basisschool is het vaak gebruikelijk, dat kinderen lootjes trekken en een surprise voor elkaar maken. En dat kan ook een bron van spanning zijn voor je kind. Temper verwachtingen, geef aan dat het gaat om het idee en de inspanning, niet om het resultaat. Niettemin is er niks op tegen om je kind erbij te helpen, als dat nodig is om er wat geruster onder te zijn.
Kortom
Wat mij betreft is er allemaal geen goed of fout. Alles is goed. En als je kind ervan geniet om er in ondergedompeld te worden, prima. Je kiest zelf op welke manier je het wil doen. Het gaat er gewoon om wat fijn is voor je kind. Want het hoort leuk te zijn en geen periode van spanning. Toch?
Vind je dit nuttig, wil je het dan delen? En heb je aanvullende tips? Laat het hieronder weten,dank je wel alvast.
Zit jij ook teveel in je hoofd? Ben je te weinig aanwezig in het hier en nu? Heb je geen tijd om een half uur te gaan zitten mediteren? Geeft niet, je kind kan je helpen.
Op de eerste plaats, als je jonge kinderen hebt tenminste, kun je profiteren van hun gave om altijd in het hier en nu te zijn. In plaats van je te ergeren omdat een peuter of kleuter geen idee van tijd heeft en niet weet wat opschieten betekent, kun je je er ook aan overgeven.
En dat kan misschien wel vaker dan je denkt. Natuurlijk niet als je geacht wordt op enig tijdstip ergens te verschijnen, al dan niet met kind. Hoewel, dat kan wel, als je maar een half uur eerder begint met vertrekken 😊
Maar het kan zeker als er niet iemand op je wacht. Let maar eens op hoe vaak je ongeduldig wordt, zonder dat het nodig is. Omdat jij in je hoofd al bij het volgende bent. Maar je kind heeft geen idee.
Het kan heerlijk ontspannend en verfrissend zijn om in het tempo van je kleintje mee te gaan. Ga er eens rustig bij zitten, kijk wat je kind zo boeit en ervaar dat je daarmee met je aandacht helemaal in het hier en nu komt. Samen naar een beestje kijken, bijvoorbeeld.
Een heel andere manier waarop je kind(ook een wat ouder kind) je kan helpen, is als signaleringsinstrument. Zodra jij namelijk in je hoofd zit, heeft je kind de neiging om ‘vervelend’ te worden, omdat ze de verbinding mist. Zeker pittige kinderen zijn erg gevoelig voor verbinding.
Momenten waarop je dit kan merken, zijn bijvoorbeeld bij het opstaan en het naar bed brengen. Jij bent met je hoofd al bij wat er allemaal moet gebeuren, voordat iedereen op tijd de deur uit is, of op tijd in bed ligt.
En daardoor ben je niet echt aanwezig in het moment. Je kind voelt dat en gaat treuzelen, dingen doen die niet moeten, dingen die je frustreren. Wakker worden! Het is een wake-up call dat je in je hoofd zit. En dat is niet waar het leven zich werkelijk afspeelt.
Een ander berucht moment is als jullie elkaar aan het eind van de middag weer zien. Thuis of op de kinderopvang. Grote kans, dat jij nog flink aan het denken bent (want dat heb je waarschijnlijk de hele dag zo gedaan), misschien nog wel aan je werk, of aan wat er straks moet gebeuren.
En oh, wat is je kind, of wat zijn je kinderen dan vervelend. Lastig zijn ze die kinderen, he, echt vervelend gedrag. Nee, hoor, helemaal niet. Ze geven alleen een seintje: ‘Papa, mama, wees aanwezig, maak verbinding met mij’ .
Neem daar dan even tijd voor. Beter voor je kind. Beter voor jou. Beter voor iedereen en voor de sfeer. Hè, hè, eindelijk hier en nu met je aandacht. De enige plek waar het leven altijd ervaren kan worden, waar jij werkelijk bent.
Ben je het met me eens? Wat is jouw ervaring? Laat het me weten, ik hoor graag van je.
Ook fijn als je het voor me wilt delen, dank je wel alvast.
Je krijgt een kind en ineens ben je ouder. Dat voelt best ongemakkelijk, want wat weet je er eigenlijk van, behalve je eigen opvoeding? Maar op de één of andere manier glij je er vanzelf in. In de rol van vader of moeder. En die rol speel je met verve, want het is misschien wel de belangrijkste rol in je leven. Maar ho, stop, het is geen rol, stop met vadertje of moedertje spelen.
Ik zat eens op een terrasje en zag het volgende tafereel. Naast mij zaten een moeder met haar dochter van ongeveer 9 jaar en een hond. Niks bijzonders, gewoon een moeder met haar kind. Heel gewoon.
Maar het viel me opeens op, hoe raar we als ouder kunnen doen. Als ouder maken we opeens allerlei opmerkingen “niet doen”, “niet slurpen”, “ga eens rechtzitten” enz. Dingen die we daarvoor nooit tegen iemand zeiden.
Maar het is zo gewoon….iedereen doet het, lijkt het wel. Ik heb het zelf ook gedaan vroeger. Maar nu kan ik me daarover verbazen. We denken kennelijk dat dat opvoeden heet ofzo. Let maar eens op, kijk eens goed om je heen. In een supermarkt bijvoorbeeld of in een wachtkamer of in de trein of …
Kinderen worden eigenlijk de hele dag gecommandeerd en gecorrigeerd. Eigenlijk is het geen wonder dat veel kinderen zich daar in eerste instantie niks van aantrekken. Ze horen zoveel op een dag. En de helft van de tijd gebeurt er verder niks.
Het tweede wat me opviel: de wijsheid van het kind. De moeder en dochter deelden een bakje bitterballen. De moeder ging er eentje aan de hond voeren. De hond toonde weinig interesse. De dochter zei: “Hij vindt het niet lekker, hij hoeft niet”. Maar de moeder ging door met proberen. En het meisje bleef zeggen “Hij wil toch niet?”
Ik dacht zo bij mezelf: Wie is hier nu de wijste, wie zou wie nu moeten opvoeden, eigenlijk. Wat grappig was, toen de moeder het opgaf zei het meisje: “Zie je wel, ik zei het toch, hij wil gewoon niet”. Toch zijn er maar weinig ouders, die deze wijsheid van hun kind zien en kunnen horen. Zo jammer.
Wat zou het een stuk schelen als alle ouders als ze een kind krijgen gewoon zichzelf bleven. Hun kind behandelen, zoals ze een andere volwassene zouden behandelen. Een kind opvoeden is in wezen vooral een relatie met je kind hebben.
Natuurlijk heb je een specifieke taak als ouder. Je hebt te zorgen voor het welzijn, de veiligheid en de gezondheid van je kind. Dus daarom zul je soms moeten ingrijpen of Nee-zeggen. Maar voor de rest leert je kind vooral van hoe jij bent, hoe jij leeft en hoe je met hem of haar omgaat. En kun jij leren van de wijsheid van je kind.
Dus we hoeven helemaal niet de moeder of de vader uit te hangen. Als ouder hoef je alleen maar een helder kader te bieden, gezondheid en veiligheid bewaken, je kind helpen te dealen met wat het tegenkomt in het leven. Dat is het wel zo’n beetje. En daarvoor hoef jij je niet anders voor te doen dan wanneer je met andere volwassenen bent.
Herken je dit? Ik lees graag je reactie hieronder. En als je het artikel wilt delen, graag!
Door de site te te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Privacyverklaring
De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.