fbpx

Tag Archives foropvoeding

Het nieuwe opvoeden

Wat ik niet begrijp is dat wij (als maatschappij) onze kinderen nog steeds willen vormen naar onze normen als volwassenen.  In onze eigen opvoeding zijn we min of meer gedwongen om ons aan te passen, ons keurig te gedragen. Maar werden we daar gelukkig van? Werden we daar een beter mens van? Ik denk dat het ander kan, moet en anders zal gaan in te toekomst.

Zoveel van de huidige volwassenen hebben psychische problemen, of een burnout, omdat ze te lang over hun eigen grenzen zijn gegaan. Of ze zijn ‘geslaagd’ in het leven, maar toch ongelukkig. We worstelen met wie we zijn en wie we willen zijn. Waar we echt gelukkig van worden, is onszelf kunnen zijn en geaccepteerd worden zoals we zijn. Dat er van ons gehouden wordt om wie we zijn. Dat we onze eigen grenzen kennen en kunnen handhaven. Onze dromen durven te leven.

Zie alleen al het enorme aanbod op het gebied van persoonlijke ontwikkeling. Er zijn zoveel trainingen over het innerlijke kind in ons. Zoveel cursussen om in je kracht te komen, jezelf te durven laten zien, op te kunnen komen voor jezelf, je dromen leven, noem maar op. Dat is op zich heel goed natuurlijk. Het betekent alleen ook, dat we dat nodig hebben, er behoefte aan hebben.

Als je dat ziet is het toch niet meer dan logisch, dan dat we een generatie gaan opvoeden die dat minder nodig heeft dan wij? Een generatie die van jongs af aan bevestigd is in hoe ze zijn, wie ze zijn. Zodat ze zichzelf niet meer hoeven te gaan zoeken als ze eenmaal groot zijn.

Een kind heeft één ding vooral nodig en dat is onvoorwaardelijke liefde. Onvoorwaardelijke liefde betekent acceptatie, vertrouwen en respect. Ruimte geven aan eigenheid. Dus blij zijn met je kind, hoe hij of zij ook is, zijn/haar eigenheid respecteren, steunen en bevestigen. Zo krijgt het kind een stevige basis voor zelfvertrouwen. Zelfvertrouwen, dus vertrouwen in jezelf, betekent weten dat je uitdagingen aan kunt, maar ook dat je je eigen ideeën mag hebben, je eigen dromen mag waarmaken. Dat je ertoe doet. De ruimte voelen om het leven te leiden dat jij wilt leiden.

Ik geloof onvoorwaardelijk in de goedheid van mensen. En nee, ik ga niet de discussie aan over die paar ernstig gestoorde lieden die vreselijke misdaden begaan of zelfs hele groeperingen. Dat brengt ons nergens. Ik focus liever op al het goede dat ik weet dat er in mensen zit. Het zit alleen soms (vaak) een beetje verstopt onder verdedigingsmechanismes van de persoon, van het ego.

Het treft me elke keer weer, hoe snel mensen elkaar vinden als het hart weer geopend wordt. Daar zit al die goedheid (noem het liefde) verstopt. Dat gaat voorbij aan alle opvattingen, verwachtingen, verwijten. Dan ontstaat verbinding en daar worden we gelukkig van.

Opvoeden is voor mij niet een kind, dat nog niets kan of weet, leren hoe het moet. Opvoeden is juist het kind helpen bij zijn reis door het leven, het ontdekken van wat leven en samenleven met andere mensen inhoudt. Ik geloof in het goede van kinderen en we moeten eerder zorgen dat we dat koesteren, de ruimte geven en niet beschadigen, dan dat we kinderen zo nodig moeten disciplineren.

Toen ik zo’n 20 jaar geleden voor het eerst aan mijn ‘ontdekkingsreis naar mezelf’ begon en ‘mezelf terugvond’ (eigenlijk hele rare termen, want ik was er al die tijd natuurlijk, maar je snapt wat ik bedoel), dacht ik “En hoe zorg ik er nu voor dat mijn kinderen dit niet hoeven te doen?” Ik kwam er al snel achter dat het zo niet werkt, je kunt geen dingen voorkomen voor je kind. Elk mens, elk kind heeft zijn eigen pad te gaan.

Maar inmiddels is het me wel zonneklaar, dat een opvoeding gebaseerd op respect voor je kind een hele goede stap in de richting is. Ik ben ervan overtuigd, dat als je dát doet, als je je kind bevestigt in hoe hij of zij is (wat iets anders is dan uitgaan van jouw idee hoe je kind is), je kind dan een goede basis heeft om het leven te gaan leiden dat bij hem past. Dat je kind sterk en kwetsbaar tegelijk kan zijn, durft te laten zien wie zij is.

Wat ik wil bijdragen aan de wereld is een respectvolle manier van omgaan met onze kinderen, thuis, maar ook op school en daarbuiten. Omdat het kind dat verdient, omdat je er als ouder gelukkiger  van wordt en omdat onze maatschappij er op termijn baat bij heeft.

Het is ook mijn overtuiging, dat dit het opvoeden van de toekomst is. Ook als maatschappij, als mensheid groeien we. En alles wat nu gewoon is, is ook eerst door een groep voorlopers in de wereld gebracht. Ik geloof, dat de ouders, die nu op een onvoorwaardelijke, respectvolle manier hun kind opvoeden tot die voorlopers behoren (en ja, daarbij hoort ook tegenstand en kritiek)

Deze ouders wil ik helpen door ze te steunen, inspiratie en concrete handvatten te bieden. En in het bijzonder de ouders van kinderen met moeilijk gedrag. Omdat deze kinderen ons min of meer dwingen het anders te doen, omdat de ‘oude’ manier van opvoeden niet werkt bij hun. Ze hebben een inmense behoefte aan autonomie, respect, erkenning (ook van hun anders-zijn) en steun.

Ik hoor heel graag of jou dit aanspreekt, of je er iets in herkent, wat jouw drijfveren zijn in het opvoeden of waar je mee worstelt. Schrijf hieronder jouw reactie. En vind je het een inspirerend artikel? Fijn als je het wilt delen, dank je wel daarvoor.

Wat je kind echt van je nodig heeft

Geen enkel kind heeft graag ruzie met zijn ouders. Al lijkt het daar soms verdacht veel op. Maar juist als je constant strijd hebt met je kind, heeft je kind begrip, erkenning en respect nodig. Juist dat is de eerste stap om uit de strijd te komen. Maar daar is wel moed voor nodig.

Er is meer dan vroeger aandacht voor het praten met je kind. Dingen samen overleggen. Luisteren naar het kind. Het is kortom allemaal wat vriendelijker dan een generatie geleden.

De officiële instanties promoten het positieve opvoeden (triple P). Hoewel dat positiever klinkt dan het is, want het gaat nog steeds uit van het idee dat jij als ouder het gedrag van je kind bepaalt. Er is weinig ruimte naar mijn idee voor werkelijk respect voor het kind.

Helaas is het zo, dat juist de kinderen die het het hardst nodig hebben om te worden gehoord, dat niet krijgen. Juist kinderen die aan de lopende band onacceptabel gedrag laten zien, worden aangepakt met regels, contracten, en consequenties (lees: straffen). Zo probeert men invloed op het gedrag te krijgen.

En soms werkt dat, maar vaak ook niet. Vaak neemt de strijd alleen maar toe. Ouders en kind zitten vast in een patroon. Een negatief patroon van actie en reactie, dat zorgt voor toenemende frustratie en verwijdering.

De enige manier om hier uit te stappen is het als ouder anders te gaan doen. Te starten met luisteren in plaats van te reageren op elk onacceptabel gedrag. Het gesprek aangaan en werkelijke interesse tonen. Echt goed luisteren. En samen oplossingen zoeken.

Dan kunnen er wonderen gebeuren. Ik zie het gebeuren bij ouders die ik begeleid en bij deelnemers van mijn onlineprogramma. Zoals een gezin met een puber met PDD-NOS, die al jaren strijd hebben, ondanks verschillende hulpverleningstrajecten. En die nu opeens al een paar weken geen ruzie meer gehad hebben.

Wat er gebeurt, is dat het kind zich eindelijk weer eens gehoord, begrepen, geaccepteerd en gerespecteerd voelt. En dan komt er ruimte bij het kind om werkelijk met ouders in gesprek te gaan en hen ook te horen. De relatie verbetert, de verbinding wordt hersteld. En nu kunnen ouders en kind samen problemen oplossen in plaats van tegenover elkaar te staan.

Maar hier is moed voor nodig. Omdat het zo indruist tegen alles wat we zelf meegekregen hebben over opvoeden. “Dat accepteer je toch niet”, “Daar moet je korte metten mee maken”, “Je moet wel consequent zijn, houdt hij zich niet aan de afspraken, dan moet je de iPad afpakken”, enz.

Moed om de eerste stap te zetten en iets anders te doen. Moed om te vertrouwen dat deze aanpak werkt. Moed om het werkelijk in praktijk te brengen. Moed om te vertrouwen op je eigen kracht. Maar ook durven vertrouwen op de goede wil van je kind, die al een tijdlang uit beeld lijkt te zijn.

En dan blijkt dat je kind helemaal niet uit is op strijd. Dat je  kind helemaal niet alleen maar met zichzelf bezig is, of nooit rekening met anderen wil houden.  En uiteindelijk worden dan alle kwaliteiten van je kind weer opnieuw zichtbaar. Omdat jij de moed hebt daarop te vertrouwen, ondanks alles wat er gebeurt.

Overigens betekent dit niet dat je niet meer begrenst, maar dat is even een ander verhaal. Daarover vind je tips in andere blogs.

Als jij deze situatie herkent, dan nodig ik je uit om de moed op te brengen om het anders te doen. Mijn steun heb je :). Graag lees ik je reactie hieronder. 

Moeten we strenger zijn?

Er is tegenwoordig veel te doen over verwende kinderen. Allemaal prinsjes en prinsesjes … We zouden massaal onze kinderen verwennen, waardoor ze geen weerstand hebben als het leven moeilijker blijkt dan gedacht. Volgens een hoogleraar klinische psychologie komen daardoor veel jongeren in de problemen, omdat ze niet geleerd hebben met tegenslag om te gaan. Klopt dit? En is strenger zijn dan het beste antwoord, zoals hij aangeeft?

Ik denk dat teveel verwennen zeker speelt. Ik betwijfel alleen of het zo algemeen gebeurt als gesuggereerd wordt. Dat jonge mensen zoveel in psychische problemen raken, kun je ook niet zomaar daarop afschuiven. Het heeft net zo goed te maken met de stress in onze maatschappij en de manier waarop het onderwijs onze kinderen onder druk zet.

Ook met de oplossing ben ik het niet eens. Meestal wordt namelijk geroepen, dat we weer strenger moeten zijn. Optreden. Zoals vroeger. Maar zeg nou zelf: wij (de 40-ers en 50-ers) zijn zeker niet verwend als kind. Maar zijn wij nu zo goed opgewassen tegen het leven? Ja, we kunnen heel goed doorzetten. Maar komen daar juist niet al die burnouts vandaan?

Volgens mij is er iets heel anders nodig. Want verwennen op de manier van je kind geven waar hij om vraagt is inderdaad niet goed. Want dat is niet wat een kind nodig heeft. Wat een kind wel nodig heeft van zijn ouders is onvoorwaardelijke liefde, vertrouwen, respect voor zijn/haar eigenheid en het recht op autonomie.

Een strenge ouder geeft dat meestal niet voldoende. Een strenge ouder bepaalt wat goed is voor zijn kind (hoezo autonomie?), maakt de liefde afhankelijk van het gedrag van het kind (zo ervaart het kind het tenminste) en luistert onvoldoende naar wat er in het kind omgaat.

Een  kind met een zogenaamde sterke wil is een kind dat het recht op autonomie gewoonweg opeist, no matter what. Bij zo’n kind gaat streng zijn niet werken. Je verzeilt acuut in een machtsstrijd, die je op den duur niet gaat winnen. Zeker in de puberteit niet meer. Bovendien, wat heet winnen als je kind doet wat jij zegt, maar de verbinding is verstoord.

Maar ben je dan niet een watje als je niet optreedt? Als je niet streng bent? Nee, hoor. Want je stelt wel grenzen. Tuurlijk wel. Je kracht haal je uit je zelfrespect. Weten wat je wel en niet wilt. En duidelijk zijn in de regels die je stelt, zoals ‘boos zijn mag, slaan niet’. Op het gebied van veiligheid en gezondheid zet jij de lijnen uit.

Die handhaaf je niet door te straffen, maar door duidelijk te zijn. (Overigens wordt duidelijk zijn nogal eens verward met streng zijn). Door een kind consequenties te laten ervaren. En vooral door je kind te helpen om zich aan deze regels te houden. Door een kind dat blijft slaan uit de situatie te halen bijvoorbeeld. Of door je kind te helpen om rustig in slaap te kunnen vallen.

Ja, er gaan dingen niet goed in hoe kinderen nu opgevoed worden. Maar dat was vroeger ook al zo. Alleen had de maatschappij daar niet zoveel last van. Maar is de oorzaak van veel huidige psychische problematiek niet juist gelegen in onze jeugd? In de manier waarop we opgevoed zijn? Waarom zou het dan slim zijn om weer ouderwets te gaan opvoeden?

Het is toch veel slimmer om nieuwe wegen te zoeken. Om te kijken en te oefenen in het opvoeden zonder straffen en belonen. Vanuit vertrouwen. Kijk maar eens in jezelf: was jij een egoïstisch kreng geworden als je wat minder streng was opgevoed? Of zit het goede gewoon in jou, in jouw hart? Zou dat bij je kind ook niet zo zijn?

Volgens mij wordt een kind geboren met allemaal mooie eigenschappen. En is het aan ons opvoeders om het kind te helpen volgens de innerlijke waarden te leven. Obstakels te overwinnen.  Een mooi mens te worden, die kan bijdragen aan de wereld op zijn of haar eigen manier. Dat doen we in de eerste plaats door onvoorwaardelijke liefde en respect te tonen. En in de tweede plaats door onszelf te respecteren. duidelijk te zijn en een voorbeeld te zijn.

Spreekt dit jou aan? In mijn webinar ‘Waarom strenger opvoeden niet de oplossing is, en wat dan wél vertel ik je er meer over. Aanmelden voor het webinar doe je  hier.

Fijn als je dit artikel wilt delen op de sociale media, dank je wel daarvoor. Zo kunnen we nog meer ouders bereiken 🙂 En natuurlijk lees ik zoals altijd ook graag je reactie! 

Hoe leer je je kind om niet te slaan?

Als je baby peuter wordt, komt er een moment waarop hij dingen doet die jij niet wilt. Anderen slaan bijvoorbeeld. Soms kan dat heftig zijn en is het moeilijk voor jou om mee om te gaan. Wat is de beste manier om je kind te leren niet te slaan?

Er zijn een paar dingen die je niet moet doen, in de eerste plaats is dat je kind slaan. Hoewel iedereen weet, dat je je kind niet mag slaan, hebben veel ouders ook weleens het idee gehad om hun peuter of kleuter te laten voelen hoe dat voelt, wat hij doet. Dus toch één keertje terugslaan of knijpen. Doe dat niet.

Je kind leert altijd het meeste van wat jij voorleeft. Dus als jij slaat, ook al is het maar één keertje, geef je toch een verkeerd voorbeeld. Je kind slaat de herinnering op dat jij slaat. Dat is sterker dan jouw uitleg erbij.

Wat ook geen goed idee is, hoewel heel gangbaar, is apart zetten. Een time-out. Je kind slaat omdat hij boos is. Een boos kind apart zetten roept nog meestal nog meer strijd op. Je creëert daarmee een escalatie.

Bovendien laat je je kind alleen met zijn emoties, terwijl hij jouw hulp en steun nodig heeft. Hulp om te leren met zijn emoties om te gaan. Grip krijgen op zijn emoties en zijn gedrag leren sturen. Je kind moet leren dat slaan niet mag. Hoe doe je dat?

Wees duidelijk, maar blijf rustig en begripvol. Haal hem weg bij het andere kind. Zeg iets in de trant van “Ik zie dat je heel boos bent, hè. En weet je, je mag niet slaan. Want dan doe je een ander pijn. Kijk maar”. Zorg dat het kind dat door jouw kind is geslagen ook aandacht krijgt. Erken dat het niet leuk is, dat het pijn doet, dat je kind dat niet had mogen doen.

Als je kind weer rustig is, kun je het eventueel opnieuw proberen. Maar blijf in de buurt. En als je kind boos wordt, wees er dan bij. Herinner het eraan, dat slaan niet mag. Stimuleer je kind om met woorden duidelijke te maken dat hij of zij boos is of iets niet wil. Lukt het niet, neem dan de consequentie en ga bijvoorbeeld naar huis met je kind of laat je kind ergens anders spelen.

Doet jouw kind het jongere broertje of zusje pijn? Grijp onmiddellijk in. En als het vaker gebeurt, zorg dan dat je ze nooit alleen laat. Jij moet ervoor zorgen dat de kleinste zich veilig voelt. Neem een van beiden mee als je naar een ander vertrek gaat. Of hou de box nog een tijdje in gebruik. Zoek praktische oplossingen. Ter bescherming van de jongste, maar ook van de oudste, zodat-ie de kans niet krijgt.

Als het toch gebeurt, reageer je schrik over de jongste dan niet af op de oudste. Het belangrijkste is dus dat je zelf rustig blijft en het ziet als een leerproces, waarbij je kind je hulp nodig heeft. Dat is het meest effectief.

Combineer dus duidelijkheid met begrip en erkenning. Wees duidelijk over het niet mogen slaan. Wees hierin ferm, maar niet boos met een afwijzing in je toon. Erken zijn gevoelens en geef er woorden aan, zodat je kind zelf ook leert om er woorden aan te geven.

En oefen met je kind alternatieven. Voor jonge kinderen is het bijvoorbeeld heel geschikt om te gaan stampvoeten en vuisten te ballen. En ondertussen er woorden aan geven ‘ik wil dit niet, ik vind het stom’, bijv. Oefen dit ‘droog’ in een rollenspel, zodat je kind het ook nog kan als ze boos is.

Vind je dit goede tips? Deel deze blog dan met anderen,  zodat zij er ook profijt van kunnen hebben. Dank je wel alvast. Ook lees ik graag je reactie, die kun je hieronder kwijt.

Goed luisteren naar je kind, zo doe je dat

Allemaal houden we van onze kinderen. En willen we het beste voor ze. We willen ze zo graag leren, wat wij allemaal al weten. We willen ze zo graag helpen om de dingen goed te doen. En daarom vertellen we ze zoveel. Maar is dat wel wat een kind echt nodig heeft? 

Wat een kind werkelijk nodig heeft om te groeien en zelfvertrouwen te ontwikkelen is onvoorwaardelijke liefde, vertrouwen en respect. Dat houdt in, dat we ze accepteren zoals ze zijn. Maar hoe doe je dat?

Werkelijke acceptatie betekent vooral: je kind laten zijn zoals hij is. Laten. Het klinkt misschien raar, maar een kind, wat lekker bezig is, met rust laten is een teken van acceptatie. Let maar eens op, hoe snel je geneigd bent om wel in te grijpen: ongevraagd advies geven bijvoorbeeld. “Zou je niet …” of “Je kunt ook ….”.

Maar wat je eigenlijk overbrengt is: zoals jij het doet is het niet goed (genoeg). Ooit bij stil gestaan dat het zo werkt? Als je dit herkent van jezelf: je bent bepaald niet de enige 🙂 Alle ouders doen dit in meerdere of mindere mate. Het is zo gewoon, dat het niet eenvoudig is om af te leren. Maar wel de moeite waard!

Continue reading

Tip tegen frustratie en machteloosheid

Als je kind niet doet wat je wil, kun je vreselijk gefrustreerd raken. Vaak voel je daaronder ook een gevoel van falen en van machteloosheid. Het kan toch niet zo zijn dat jij je (kleine) kind niet de baas kunt zijn?  Herken je dit, lees dan vooral door.

Ik ken het heel goed, dat gevoel van machteloosheid. En ik was daar ‘allergisch’ voor. Ik kon er niet mee dealen, het haalde me volledig uit mijn kracht. Het maakte me veel zwakker dan nodig was. Toen zag ik nog niet hoe het werkte, later kreeg ik daar meer grip op en was de onmacht mij niet meer de baas.

Je machteloosheid komt namelijk voort uit een misvatting. De misvatting dat jij de baas over je kind moet zijn en kunt zijn. Dat jij kunt bepalen wat je kind doet. En dat als je kind niet doet wat jij zegt, hoe je ook dreigt en probeert (‘optreedt’), dat je dan faalt.

En dat is gewoon niet waar! De waarheid is: je hebt je kind niet aan een touwtje. Dat klinkt misschien frustrerend maar is in feite een bevrijding. Want nu kun je zien, dat je je dus helemaal niet machteloos hoeft te voelen, want je hebt uiteindelijk nooit de macht over je kind gehad.

Je kunt je kind helemaal niet dwingen. Uiteindelijk bepaalt je kind zelf wat hij wel of niet doet. Of ze gehoorzaamt of niet. Natuurlijk kun je het wel proberen, je kind te dwingen, en hoe jonger je kind is hoe meer kans je hebt. Maar je kunt niet 100% bepalen wat je kind wel of niet doet. Je kind is hoe dan ook een zelfstandig wezen.

Toch zijn we erg gehecht aan deze misvatting. En dat is de oorzaak van veel ellende. Want heb jij een kind met een zogenoemde ‘sterke wil’ , dan heb je grote kans, dat je kind niet gehoorzaamt. Dat de strijd alleen maar groter wordt.

En jouw frustratie neemt toe, je machteloosheid neemt toe en tenslotte voel je je zwak en falend. Je kunt het niet. Je doet iets verkeerd. Je laat over je heen lopen. Je moet ‘gewoon’ meer autoriteit uitstralen, sterker zijn, strenger zijn, enz. enz. En als je dat zelf al niet dacht, dan maakt je omgeving je wel duidelijk dat het zo is.

Zo zonde! Dit veroorzaakt zoveel onnodig leed en het leidt tot meer spanning en meer conflicten. Het is niet waar én het is niet effectief. Het stapelt probleem op probleem. Want door jouw gevoel van onmacht ga je steeds ineffectiever te werk, waardoor je steeds verder bij je doel vandaan komt.

De oplossing? Inzien en volledig accepteren dat je je kind dus niet aan een touwtje hebt. Dat jij iets niet acceptabel vindt, wil niet zeggen dat je kind het niet doet. Sterker nog, het wil ook niet zeggen dat je kind niet weet dat het onacceptabel is. Hij of zij heeft even niets beters voorhanden, kan bijvoorbeeld zijn emotie nog niet goed beteugelen.

Zie het als een leerproces van je kind. En kijk hoe jij je kind daarbij kunt helpen. In de eerste plaats door te erkennen wat er gaande is. En vervolgens door (samen met je kind) te kijken wat maakt dat je kind doet zoals ie doet en hoe je dat kunt veranderen. Wat kun jij doen om ander gedrag een grotere kans te geven en wat heeft je kind nodig om acceptabel gedrag te laten zien?

Als je kind niet doet wat je zegt (of vraagt) trap dan dus niet in de val van onmacht. Realiseer je dat jij je kind niet aan een touwtje hebt. Hou afstand. Neem het niet persoonlijk. Wees duidelijk in wat je van je kind verwacht,  maar help je kind ook om dat te kunnen. Accepteer dat bij het opgroeien moeilijke momenten horen voor jou en voor je kind.

Door het niet op jezelf te betrekken, door onmacht geen kans meer te geven, heb je  veel meer ruimte om naar je kind en de situatie te kijken. Veel meer kans om wel effectief te reageren. Misschien moet je je kind een handje helpen met wat je vraagt door het samen te doen, misschien moet je je verwachting/verzoek intrekken omdat je ziet dat het niet haalbaar is op dit moment of krijg je een andere ingeving waarmee je de situatie weer vlot kan trekken.

Heb je hier wat aan? Deel dit artikel dan via de shareknop hieronder. Samen kunnen we nog meer ouders helpen. Dank je wel alvast!

En laat hieronder weten wat je van deze tip vindt. Altijd fijn om van je te horen!

Help, mijn kind is een slechte eter.

Veel pittige kinderen zijn slechte eters. Je kunt er redelijk wanhopig van worden. Omdat het strijd geeft, waardoor het niet meer leuk is aan tafel. Of omdat je je zorgen maakt of je kind wel genoeg eten binnenkrijgt. Hierbij 5 tips om hiermee om te gaan.

Tip 1 is de moeilijkste, maar ook meteen de belangrijkste: maak er geen strijd van. Want die verlies je. Eten is namelijk één van de weinige dingen waarbij je je kind niet kan dwingen. Je kunt een kind wel te eten geven, maar niet voeden. Je kind bepaalt uiteindelijk zelf of het iets opeet of niet. Dus als je een kind hebt, dat tot het bittere eind gaat, dan wordt het einde ook heel bitter.

Bovendien, door er een strijd van te maken, leg je er teveel druk op. Eten wordt steeds meer een issue. Wat je aandacht geeft, groeit. Dus als je veel aandacht geeft aan het probleem van niet eten, wordt het probleem steeds groter.

Pittige kinderen hebben strijden thuis voor hun autonomie. Als een kind juist met het eten heel erg dwars ligt, kan het zijn dat ie gewoon weinig lust. Het kan goed zijn dat je kind erg gevoelig is voor geuren of smaken. Of voor de textuur van het eten in de mond.

Maar de kans is ook groot, dat je kind in opstand komt, omdat hij te weinig autonomie in zijn leven ervaart. Juist de dingen waar hij zelf het laatste woord heeft, gebruikt hij dan om zelf de baas te zijn. Dat kan ook verklaren waarom een kind iets soms wel wil eten en soms niet.

Tip 2 is daarom: kijk eens of jij je kind meer ruimte kan geven om zelf baas te zijn. In welke situaties, bij welke beslissingen en keuzes kun je je kind meer zeggenschap geven? Het zou zo maar kunnen, dat daarmee het eten een veel kleiner probleem wordt. Vooral als je een kind hebt met een sterke eigen wil.

Tip 3: Zorg dat je kind overdag al de nodige voedingsstoffen binnenkrijgt. Geef tussendoortjes, maar geef alleen gezonde voeding. Maar zorg dat wat ze aan tussendoortjes krijgt alleen maar gezond is. Vooral groentes en fruit zijn onmisbaar voor de nodige voedingsstoffen. Denk dus aan stukjes (rauwe groente) en fruit. Het avondeten kan dan ook uit een boterham of een bord pap bestaan.

Koop allerhande verschillende soorten groente en fruit. Probeer uit wat je kind lekker vindt. Wortels of komkommer, maar misschien ook wel bietjes of koolraap. Gedroogd fruit is een heel geschikt alternatief voor snoep. Lekker zoet en toch gezond. Controleer wel of er geen suiker aan toegevoegd is. Als je kind er oud genoeg voor is, zijn noten ook heel gezond, het liefst ongebrand. Ook olijven kun je eens proberen, er zijn genoeg kinderen die ze lekker vinden.

Tip 4: zoek op internet naar ideeën. Er zijn tegenwoordig veel goede blogs te vinden met ideeën voor gezonde, lekkere snacks. Verdiep je in wat goede voeding eigenlijk is, wat je kind nodig heeft. Google eens op “lekker en gezond eten voor kinderen”, dan vind je een hele lijst aan sites met interessante tips.

Tip 5: betrek je kind bij het voorbereiden van het eten. Overleg wat hij lekker vindt, kijk waar hij kan helpen met klaarmaken (kun je ondertussen vast iets proeven). Laat haar de tafel dekken en het gezellig maken, bijvoorbeeld kaarsjes aan. Zorg dat de maaltijd een prettig moment blijft. Een gezellig samenzijn, waarbij ondertussen gegeten kan worden.

Tenslotte: een kind hongert zichzelf doorgaans echt niet uit. Als jij maar zorgt dat wat er binnenkomt veel voedingsstoffen bevat, hoef je je geen zorgen te maken. Maak je je wel ongerust of is je kind moe en lusteloos, overleg dan met de huisarts of op het consultatiebureau of je kind risico loopt op ondervoeding.

Is jouw kind een moeilijke eter? Hoe ga jij daar mee om? Laat het hieronder weten, ik hoor graag van je. Delen is ook fijn, dank je wel!

Stop met fixen en voorkomen (en ga ontspannen opvoeden)

Veel ouders die bij mij komen zijn moe, zo niet uitgeput. Het opvoeden kost hen bergen energie. Eén van de redenen daarvoor is dat ze te hard hun best doen om alles goed te laten verlopen. Ze lopen vaak op eieren om de sfeer goed te houden. En dat werkt niet.

Als je een pittig kind hebt, is één van de grootste valkuilen dat je te hard werkt om alles  goed te laten verlopen. Elke dag is weer een nieuwe dag vol uitdagingen. Je kind moet op de deur uit, huiswerken maken, aan tafel komen en blijven zitten, op tijd gaan slapen, enz. enz. En dat het liefst zonder strijd.

Eigenlijk is dat korte termijnpolitiek. Een heilloze weg, die je uitput. Want: er is steeds weer een nieuwe dag, steeds weer een nieuw ding dat moet gebeuren. Stop daar maar mee.

Wissel het in voor lange termijnpolitiek. Ik zeg graag ‘alles is een leerproces’. Dus alles wat niet goed gaat, daarin heeft je kind iets te leren. En jij mag je kind daarbij begeleiden.

Dat doe je allereerst door een heldere structuur met duidelijke regels, afspraken en gewoontes. Dat maakt dat je kind meer gestuurd wordt door de structuur dan door jou. Dat scheelt al veel energie.

Vervolgens, als er iets niet lekker loopt of misgaat, kun je, liefst samen met je kind, onderzoeken waar het op vast loopt. Wat is het dat je kind niet lukt, wat houdt je kind tegen, wat zit je kind in de weg, wat heeft hij of zij nodig zodat het wél lukt?

Dat betekent dat dingen regelmatig ‘niet goed’ gaan (dat is ook een boeiende vraag op zich trouwens, wat betekent niet goed eigenlijk en is dat wel zo erg?). Maar dat is niet erg. Daar kun je aan werken. En bovendien: ook nu jij zo hard werkt, de korte termijnpolitiek volgt, gaan er eveneens regelmatig dingen mis. En zijn er vaak conflicten of driftbuien.

Met deze lange termijnvisie wordt opvoeden op den duur veel makkelijker. Je kind leert en ontwikkelt zich (en jij ook). Er gaan dingen goed en er gaan dingen fout. En ja, zo gaat het leven. Dat hoort erbij.

Pittige kinderen leren trouwens vooral door ondervinding. Dus het heeft geen zin om dingen te willen voorkomen. Ze leren niet van jouw goedbedoelde adviezen of waarschuwingen. Ze moeten het eerst ondervinden. Dus laat het maar gebeuren.

“Ja, maar dan gaat ie helemaal uit zijn plaat”. Ja. Dat kan gebeuren. Maar ook dat is een leerproces. En je kind heeft er meer aan om met frustratie te leren omgaan, dan als jij probeert het te voorkomen. Wat vaak niet lukt en dan is er des te meer frustratie, ook aan jouw kant.

Dus stop met fixen en voorkomen. Laat het gebeuren. Blijf kalm (ook dat kun je leren). Laat het bij je kind. Geef erkenning. Zeg bijvoorbeeld “ja, ik snap het wel, het is ook stom. En je mag best boos zijn. Wees maar even boos”.   

Je moedigt bijna aan om boos te worden. Het omgekeerde van wat je meestal doet. Dat haalt de lading er al wat af. En omdat jij geen weerstand hebt tegen de boosheid is die meestal veel sneller weg.

Er mag dus wat meer nuchterheid in het opvoeden wat mij betreft. Ook bij pittige kinderen. Je probeert zoveel mogelijk duidelijkheid te bieden, dat voorkomt frustratie door onduidelijkheid of onverwachte situaties. Maar desondanks kan je kind toch af en toe ergens gefrustreerd door raken. Dat is nu eenmaal zo, dat hoort bij het leven.

Als het je lukt om er op deze manier in te staan, dan scheelt dat bergen energie, werkelijk waar. Omdat je het meer bij je kind laat en omdat je het accepteert als het af en toe ‘mis’ gaat. Ontspannen opvoeden noem ik dat 😊

Je geduld bewaren, hoe doe je dat?

Veel ouders geven aan dat ze meer geduld zouden willen hebben, vooral moeders. Dan bedoelen ze rustig blijven in situaties met hun kind(eren), die hun niet bevallen. Ze raken geïrriteerd of gefrustreerd, gaan dan schreeuwen en doen precies wat ze niet willen en wat ook niet helpt 🙂 Wat te doen?

Ten eerste is het belangrijk je te realiseren, dat je mens bent. Het is niet meer dan logisch dat het gedrag van je kind bij jou gedachten en emoties oproept. Dat is het leven, dat gebeurt de hele dag met alles om je heen.

Echter, wij hebben ergens diep down een plaatje zitten van de rustige, beheerste ouder, die zonder stemverheffing alle ongewenst gedrag weet te stoppen. Die nooit problemen heeft met zijn kind, maar alles met gemak in goede banen leidt. Haal dit plaatje naar boven, kijk het aan en zie hoe lachwekkend het is. Ooit die perfecte ouder ontmoet?

Accepteer je eigen emoties en de situatie. Niet in de zin van gelaten ondergaan, maar in de zin van “dit is wat er is”. Adem eens diep in en uit. Hè, hè. En stel de vraag: wat heb ik nodig en wat heeft mijn kind nu nodig?

Een voorbeeld. Je kind is erg traag met eten. Jij voelt je ongeduld toenemen. Onderzoek eens waar dat ongeduld vandaan komt.  Wil je dat je kind opschiet, omdat het al laat is en straks te laat in bed ligt? Of moet je straks weg en ben je bang, dat je niet op tijd de deur uitkomt? Ergert het, omdat jij niet mocht treuzelen met eten vroeger? Of ……

Als je weet waar je welke gedachten ten grondslag liggen aan je ongeduld, kun je deze verder onderzoeken. Is je zorg of angst terecht? Is het erg als je kind een keer wat later naar bed gaat? Kom je inderdaad in tijdnood? Wil je misschien niet voelen hoe pijnlijk het voor jou vroeger was als je zo op je kop kreeg als je treuzelde met eten? Word je liever boos op je kind dan dit te voelen?

Als je dit allemaal duidelijk hebt, kan je ongeduld verdwijnen. Dan kun je jezelf geruststellen, of ingrijpen (“ik ga je nu even helpen met eten, want het duurt vandaag een beetje lang”). Of voelen hoe naar het voor jou vroeger was en hoe fijn het is, dat je jouw kind die ruimte wel kunt gunnen.

Als je ervaart dat je plotseling je geduld verliest, dan heb je daarvoor je opkomende frustratie genegeerd. Opeens schiet je uit je slof. Soms op een manier, die jezelf kan verbazen. Heb jij hier regelmatig last van, dan is het belangrijk om uit te zoeken hoe jij met emoties  omgaat. Klopt het dat jij meer aandacht bij de ander hebt en te weinig bij jezelf?

Heb jij moeite met boosheid en het voelen van je eigen grenzen? Ga daarmee aan de slag. In jouw belang en in dat van je kind.

PS Het leren omgaan met je eigen emoties en die van je kind is een belangrijke stap voor minder conflicten in huis. Vandaar dat ik er een hele les aan wijd in mijn onlineprogramma Stap voor stap een gelukkig gezin.

Herken jij wat ik beschrijf? Geef hieronder je reactie, ik lees het graag!

Vind je dit artikel de moeite waard? Deel het dan via onderstaande knoppen. Dank je wel!

 

En wat als mijn kind nog een peuter of kleuter is?

Eén van de belangrijkste pijlers van de aanpak van Ontspannen Op voeden is de communicatie. Maar vaak vragen ouders, mijn kind is nog een peuter of een kleuter, hoe doe ik dat dan?

Aan communicatie zitten twee kanten: zenden en ontvangen. Oftewel spreken en luisteren. Wat betreft het spreken vind ik de ik-boodschap van onschatbare waarde, zoals je misschien wel weet. Bij luisteren is het belangrijk om met aandacht en openheid te luisteren.

Om met het zenden te beginnen: wat is van belang bij jonge kinderen? Spreek in korte zinnen, wees duidelijk in wat je van je kind wilt en waarom. “Kijk, de poes vindt het niet leuk.. Hij wil weg. Laat hem maar los”.

Zeg niet alleen wat niet mag, maar geef vooral aan wat je wel wilt. “Je mag niet op het aanrecht klimmen, dat is te gevaarlijk. Kom hier maar op deze stoel zitten”.

Ondersteun je verbale communicatie met fysieke taal. Pak je kind op en zet hem op de stoel. Of pak de hand van je kind als hij wil slaan of iets pakken wat je niet goed vindt. Doe én én. Grijp in én leg uit waarom. Wees daarin doortastend en blijf rustig. Zie het als iets wat je kind nog moet leren.

Wat luisteren betreft: Hoe jonger je kind, hoe meer je het met de nonverbale signalen moet doen. Door te verwoorden wat je ziet, laat je merken dat je je kind “hoort” en geef je woorden aan zijn gevoel. Ook check je het daarmee. “Vind je het een beetje spannend misschien?”

Probeer de behoefte achter het gedrag te begrijpen, ook dat is luisteren. In het geval van het kind wat op het aanrecht klimt, kun je kijken of je kind misschien wil helpen. Laat het kind je dan helpen aan tafel, bijvoorbeeld. Wil hij alleen maar graag zien wat je doet, zet het dan op veilige afstand in een stoel, zodat hij wel kan kijken wat je doet.

Je kunt vragen wat er aan de hand is. Maar als je kind daar moeilijk antwoord op kan geven, kun je suggesties doen. “Heb je misschien geen zin? Is het dat?”, “Wil jij ook graag een keertje?”, “Vind je het niet leuk dat ik de baby op schoot heb” enz.

Probeer je te verplaatsen in het perspectief van je kind. Hoe de situatie is voor je kind. En wat de reden van het gedrag van je kind kan zijn, Probeer de behoefte die daar achter zit te raden.

Voor kinderen die moeite hebben hun gevoel te verwoorden, kun je spelletjes doen met emoticons of plaatjes van kinderen met een bepaalde uitdrukking op hun gezicht. Op internet kun je dit wel vinden om uit te printen en kaartjes te maken.  Je kunt je kind dan bijvoorbeeld laten aanwijzen hoe hij of zij zich voelt en het vervolgens verwoorden.

Het belangrijkste is, dat je je kind accepteert in zijn of haar uitingen. Dat maakt dat je kind naarmate het opgroeit steeds makkelijker met je zal kunnen communiceren. Omdat je kind voelt, dat je betrokken bent, hem wilt begrijpen en erkent in haar gevoel.

Help je mij om mijn inspiratie te verspreiden? Deel dit artikel dan via onderstaande knoppen op de sociale media. Dank je wel! Heb je aanvullingen of wil je iets kwijt? Hieronder kunnen we in gesprek 🙂

>

Door de site te te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Privacyverklaring

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten